"Ons program" - pagina 165
BUDGETWEIGERING.
Voor
wat
alles
op regelmatige wijze, door een wet was vastge-
niet,
zou ze daarentegen
steld
nu,
redenen van Staat dit verzet
Kroon,
we ons
den
tegen
niet
steeds voorwaardelijk
Wat nu
ten derde,
moeten
van karakter dienen
stelsel,
om
,
dan zou
een verzet tegen de
a.
zijn,
,
goede
en
tegen de Kroon
b.
te blijven.
samenhang met ons vorig hoofdstuk) derde
dan:
is
verzet
vorig hoofdstuk
minister,
dit eerste (of in
punt aangaat, zoo
van zulk een
verzet tegen de landsoverheid noodig scheen
,
dus besloten
,
de besteding van gelden betrof.
als
heerschappij
de
dat onder
de toestemming van de Staten-Generaal
jaarlijks
behoeven, zoowel wat de inning Stel
449
de behandeling der geldmiddelen,
bij
om politieke
be-
weegredenen, wel geoorloofd tegen den koning, maar niet tegen een minister.
Op
wraken we natuurlijk verzet tegen een minister des ko-
zichzelf
nings volstrekt
nings
niet.
we
Integendeel,
eischen dat de Staten-Generaal de ministers des ko-
behoudens allen eerbied voor hun persoon en ambt
,
en wel
zullen controleeren
,
zeer scherp
durven uitkomen,
er voor
terdege
zulk
als
een minister of beginselen huldigt die verderfelijk zijn, of maatregelen
neemt
brengen aan volk en land.
die schade
Maar voor pen niet
Daartoe
die broodnoodige controle ligt, in politieken zin, het
wapen aan de Staten-Generaal
het
is
door het recht van interpellatie;
1.
ging van wetsvoorstellen;
3.
afkeurende motie
blijft
den raadsman tot in staat
Immers,
4.
zijner
kroon
het
verzet
een
minister
Is hij het is
hij
te ontslaan;
handen gegeven
ook daar nog ongevoelig
wel
,
het niet
dan ,
is
of
komt, maar
Maar
is
gestreden
dit
hij
is
de
gaat
om
om
van het recht
gewagen.
5f de koning
is
wel genegen om
een adres ter doelsbereiking volkomen afdoende.
te
welnu,
e o
ipso, dat de tegenstand
,
doen heeft, wel schijnbaar van den miden koning
dan worde de
zelf.
fetrijd
ook met open
vizier
en behooren Staten-Generaal en volk eenerzijds, en van den
anderen kant Kabinet en Kroon, beiden, van meet dat
5'^%
het niet.
eigenlijk huist bij
zoo,
nu, ten
Staten-Generaal tegen den minister
de
dan volgt hieruit ook
waarmee de Staten-Generaal nister
om
stellen niet eens te
van
twee gevallen denkbaar;
zijn minister los te laten,
En
in
door het recht tot niet-bewilli-
door het recht tot het uitbrengen van een
van beschuldiging bij
slechts
zijn
en
;
2.
dan in een rechtstreeksch adres aan den koning met verzoek
voor,
wa-
de schatkist.
bij
af, helder in te zien
worsteling geen persoonlijke voorkeur betreft, maar wel terdege
de afbakening van de rechtsgrenzen van het gezag.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1880
Abraham Kuyper Collection | 512 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1880
Abraham Kuyper Collection | 512 Pagina's