"Ons program" - pagina 260
244
JUSTITIE.
we de jury
dat
ter verdringing aanbevelen
van wat onze natie thans in
haar geleerden rechterlijken stand bezit.
Maar wordt wél beoogd aan den
dan
voorts
te
rechtsinstinct
niet
kunnen
kam
één gelijken
om
ook
letten;
summa injuria
tot
publieke
dat
,
ter prikkeling
van haar
van de geleerde
stellen
het leven der natie werkt;
in
beter dan thans op den zedelijken factor
scheren van zeer
maatstaf der
reëelen
een gestadig in verband
de mogelijkheid,
c.
der intentie
jus
h.
met het
rechtspraak
een doen deelnemen van de burgerij zelve
a.
tusschen gerechtigheid en onrecht
strijd
rechtsgevoel;
:
om
d,
te
voorkomen dat het over
summum
ongelijke personen het
make; en ook
opinie
eindelijk bij
om den
e.
alleszins
het afwegen van
»
schuld
of onschuld" te doen meerekenen.
Dit uit te werken, valt buiten ons bestek.
Toch
hier, ter aanbeveling,
zij
maansche recht onder aan
rechtspraak
de
alle natiën zelfs
in
nog zooveel herinnerd:
dathetGer-
1.
zulk een deelnemen van de onderzaten
zeer
hooge mate tot eisch stelde;
meest het geleerde Romeinsche en Roomsch-Canonieke recht element uit de rechtspraak heeft verdrongen
;
3. dat
2.
dat
dit leeken-
met name de Gere-
formeerde natiën, in aansluiting aan hun presbyteriale neiging op kerkelijk terrein
dit
,
leekenelement weer wisten te eeren
;
4. dat bijna aller-
wegen en met name in Engeland, Duitschland, Frankrijk en Rusland,
om nu van en
staat;
rechten
ook
kleinere landen niet te reppen, thans feitelijk een jury be-
dat uitnemende
5.
der jury
te willen
rechtsgeleerden als
inkrimpen
,
die veeleer
Gneist,
pogen
verre van de uit te
breiden
tot de civiele actie.
Toch
hiermee volstrekt niet gezegd
is
,
dat
we invoering eener gewone
jury in onze Nederlandsche rechtspraak onmisbaar keuren. Stellig keuren
we een jury voor als
de Fransche jury
aanvankelijk d.
i.
van
alzoo
er
politieke misdrijven af en zou een politiek getimmerte
zelfs
ons
reeds zijn
nimmer ,
toelachen.
Ja, tevreden zouden
locale, niet-geleerde rechtspraak,
maar weer herleven kon, en
eenig tegenwicht voor het minst tegen de uitsluitende recht-
spraak door
mannen van
abstracte studie geboden werd.
Thans bepaalt de invloed van het leekenelement ten onzent een voordracht van de Tweede
zich tot
Kamer voor den ïïoogen Raad, en
nog een schaduw van het »pares a paribus" over
er
we
indien het element onzer oude schepenen
bleef
in de excepti-
oneele rechtspraak , waaronder b. v. de ministers en de leden der Staten-
Generaal staan.
Maar hoe hoog we deze kleine ze,
vooral
bij
de
privilegiën ook waardeeren
,
toch reiken
verdiende impopulariteit onzer Staten- Generaal en de
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1880
Abraham Kuyper Collection | 512 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1880
Abraham Kuyper Collection | 512 Pagina's