"Strikt genomen" - pagina 31
het recht tot universiteitsstichting, staatsrechtelijk en historisch getoetst
33
EEN UNIVERSITEIT.
weet wel dat courantiers en publicisten ons aan die slechte gewoonte pogen te gewennen maar op Groens voetspoor, en met alle goede juristen, kom ik uit beginsel tegen deze bedenkelijke methode van wetsIk
;
uitlegging op.
Wel voeg Nienhuis
ik mij
worden"
zal gelet
maar ook op
naar den regel der Romein-
:
),
non figura Utterarmn, sed oraUone, quam exprimunt obliyamur. Maar ik verzet er mij, door mannen als Groen, ThorDe Geer en Opzoomer gewaarschuwd, ten ernstigste tegen, dat
sche rechtsgeleerden
becke,
hen, die met den hoogleeraar
bij
slechts op de letter der wet,
„dat niet
eischen,
den wil des wetgevers
lilterae,
overtuiging
uit
eigenlijken wil des wetgevers uit iets anders dan uit de wetsartikelen
men den
Een debat mag
opmake.
zelven
:
hebben.
Cest V esprit de la
„
faut interroger.
résultant de
lol,
kan het bewijskracht
toelichten; nooit l
'ensemble des artkles, qu'il
"
„Men kent vaak aan eene
Thorbecke schreef er van:
subjectieve
psychologische historie der vervaardiging eener wet een gezag toe, dat
Of de ontwerpers of wetgevers dachten aan al wat de samenhang me-
oog niet kan hebben.
in mijn
aan al wat in het gestelde debrengt
gedacht
er duidelijk bij
of 'tgeen
dachten
of niet,
Gemaakt,
de vraag niet.
opgesloten
is
zij
is
of' zij
;
ten gronde ligt;
hebben
wellicht aan iets anders?
Dat
zij
is
er
aan
vooreerst
de wet, onafhankelijk van de individueele mee-
ning van den wetgever, aan de regels der uitlegging onderworpen. Welke is
de gedachte, in de wet uitgedrukt?
de maker, wanneer
den
regel
binden'
1
meer
den
een
ander uitlegger,
of dezen eenigszins kan
).
wil
motiveert nog uitvoeriger: „Inderdaad, wanneer uitbreiden
verklaren,
wetgever,
heeft
dan
2
En Opzoomer wetten
hiervan, buiten de wet, eene verklaring geeft, in
hij
is
Ik zou niet durven beweren, dat
die
men van
leeren kennen, dan
den wetgever
zelven
te
is
of
elders,
beperken, uit
beraadslagingen of
het wel het allereenvoudigst,
vragen, wat
met
hij
Men heeft clan de authenlica interpretatio Von Savigny er van spreekt, dat „durch ein neues ein
wahres Gewohnheitsrecht bestimmt wird, wie
standen werden
van
hen,
die
soll,"
maar
vroeger
de
in dien slechten,
wet
niet in
wet bedoeld
den
zin,
ein
alterea Gesetz verzin van raadpleging
Immers
kan
Nienhuis, Aead. voorlezingen. Gron. 1849.
I.
Thorbecke, Aant. op de Grondwet,
11 inleiding. 2e uitgave 1841.
blz.
waarin
onwaren
')
I,
anders
iets
eiken twijfel
2
)
de
Gesetz oder auch durch
gemaakt.
hebben
bij
zijne duistere
heeft.
men
naar, de bedoeling van
181.
onze
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1880
Abraham Kuyper Collection | 214 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1880
Abraham Kuyper Collection | 214 Pagina's