"Ons program" - pagina 171
DECENTRALISATIE.
455
Dusdoende kreeg men dan ook geen provincie, maar een departe-
ment,
w.
d.
ondeelbare
middel ter
En
dat,
erf, »
een afdeeling, een ruit, een brokstuk van het ééne en
z.
zweem van
zonder
vergemakkelijking van het landsbestuur" recht van bestaan had.
nu ook
toen
uitgebreid bleken
,
waar ook
communes nog
te groot bleken, het
nog eens ten derden male toe, om
dissementen
Zoo had men dus
»
afrondingen"
,
ondeelbare" wezen,
d.
het individu
i.
een stuk aardbol
eerst
;
en
,
of wel
dan ook
splitste
(arrondissementen);
om morgen
voorbehoudend, schaffen
verknippingssyteem
communes nog weer
in
arron-
»
mens ch."
versneed dat bolle erf in
(departementen); deelde die afdeelingen nogmaals in
derdeden" (communes) »
die
en vond dan eindelijk in dat laatste onder-
te splitsen;
deel als eenheid, het
»afdeelingen"
te
men op dezelfde manier het departement onderdeden, die men communes noemde. En paste, verknipte
in
die
nog
die departementen voor rechtstreeksch bestuur
nog weer eens
in
zelfstandigheid, eenvoudig als
anders
zich
»
on-
onderdeden nog soms
die
daarbij
natuurlijk het recht
desnoods geheel die indeeling weer af te
doen uitvallen
te
,
of ook nog verder voort te
zetten, al naar gelang de lasthebber van de meerderheid der individuen
het mocht willen.
Het eenige waarop men lijnen
moesten vallen, vond
dan nog soms
die indeeling
bij
een hooge bergrug of een breede
Want nu
rivier.
men
lette,
was
er toch ergens grens-
voor de controle der ambtenaars die
berg- en waterlijnen het geschikst.
In dit zaak
,
dan
het daar
heeft de indeeling van een land dus geen andere oor-
stelsel
dat het land te groot
geslacht ambtenaren
geheel
is
,
om
opeens
,
in
zyn geheel
naar behooren geadministreerd te worden.
ligt,
te
vinden
ineens op orde had
geweest
dat
,
Was
met reusachtig
kunnen houden, dan zou
gelijk
,
er een
talent het
dit verre de voor-
keur hebben verdiend. Maar nu dat slag wónder-ambtenaren niet bestond
moest men, naar het
om
er
heer
zoo kleine
in
» verdeel
te blijven,
brokstukken,
en
en heersch", het land wel splitste het
gevoeglijk
als
» klein
maken"
dus in zoo groote deden en
door eenzelfde
stel
ambtenaren
kon verzorgd worden. § 110.
Neiging tot centralisatie.
Hieruit vloeit voort, dat er naar dit systema drieërlei soort van be-
stuurshandelingen zullen zijn:
land opeens streek van
kan het
doen;
b.
a.
de zoodanige die
dezulke
die
men
men
voor heel
hoogstens voor
groote erf opeens kan waarnemen; en
c.
het een
de kleinere
zaken die dagdijksch toezicht eischen en dus over niet meer vierkante
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1880
Abraham Kuyper Collection | 512 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1880
Abraham Kuyper Collection | 512 Pagina's