Open brief aan Dr. A. Kuyper, hoogleraar aan de Vrije Universiteit op gereformeerden grondslag, en redacteur van "De Heraut", alsmede aan de "Heraut"-lezers en alle gereformeerden in den lande - pagina 76
BIJLAGE
II.
Over de quaestie van het Hooger Ondertvvjs schrijft Dr. Hoedemaker geheel in de richting die óók door ons getrokken werd: Wij worden door de consequentiën van ons eigen beginsel gedwongen een vrije, of zoo wij eene Kerk hebben, kerkelijke universiteit op te richten.
eigene
Er
schiet ons niet anders over. Zullen wij ons te vreden stellen
narium? Dan zouden ook der
gebied,
wij het beginsel prijs geven, dat
wetenschap,
koning moet
zijn;
met een Semi-
Jezus Christus op ieder
dan zouden
wij
ons zelven
inkerkeren.
Wij mogen doen, wat in Amerika steeds weder geschiedt, namelijk met een seminarie beginnen en dan telkens eene nieuwe faculteit en een nieuw professoraat daaraan verbinden, totdat de omtrek van den cirkel voltooid is; dit
zou slechts eene ideaal
niet
quaestie
stellen,
dan
van uitvoering betreifen. Maar lager mogen wij ons deden, toen wij een eigen Christelijke Uni-
wij
versiteit verlangden. Dezer dagen ergerden
wij
ons nog aan de brutale pedanterie van het onge-
monde van den heer
A. Kerdijk in de nieuwe Rotterdammer, zaak van het onderwijs en de volksontwikkeling bepleitte, als eenig mid-
loof,
de del
dat bij
om
de
19de eeuw voor de gevolgen van de kerkelijke reactie, voor het
clericalisme te vrijwaren.
Vanwaar dergelijke uitingen, die tegenwoordig niet tot de zeldzaamheden behooren ? Wij hebben ze te danken aan den toestand van het universitair en het middelbaar onderwijs hier te lande. In Amerika, waar de Christenen het belang niet slechts van lagere, maar ook van hoogere scholen inzien, waar honderde mannen met eere op het gebied van het wetenschappelijk onderzoek genoemd kunnen worden, die besliste Christenen zijn, zal zelfs het ongeloof er niet aan denken om zulke zoutelooze, dwaze taal als door den heer Kerdijk gebezigd is, uit te slaan, eene taal, die. ingang vindt, omdat zij zelden weersproken wordt ten aanhoore van het publiek, dat er naar
om
tot eene universiteit te
en
al
was het
tijdig te achten,
alleen
komen moet
daarom, zoo
is
gij
luistert.
Nog
eens,
eene Kerk hebben;
de scheiding niet alleen
maar het wordt daarvoor hoog
tijd.
Zondagsblad van De Standaard. 16 Augustus. 1874.
BIJLAGE
III.
Kerkelijke Ambten. Art.
2.
De diensten
zijn vierderley:
der Dienaren des Woords, der Doctoren,
der ouderlingen en der diaconen.
Art. 18.
Het ampt der Doctoren
ofte Professoren in de
Theologie
is,
de
Heilige Sohrifture uyt te leggen, en de suivere Leere tegen de Ketterj^en en
dolinge voor te staan. Dordtsche Kerkorde
lül8/li).
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1880
Abraham Kuyper Collection | 88 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1880
Abraham Kuyper Collection | 88 Pagina's