Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

"Ons program" - pagina 340

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

"Ons program" - pagina 340

2 minuten leestijd

324

§ 246.

ZEE.

Eigen beheer en bestuur.

nu

deze overwegingen

Uit

OVER

RIJKS BEZIT

's

ringsbeleid

algemeen koloniaal regee-

vloeit voor ons

onraiddellijk voort, dat het bestuur en beheer der Koloniën

door het Rijk in dier voege behoort te worden ingericht, dat het, geheel afgescheiden

wortel stoele

van de rijkshuishouding in het Moederland

aan eigen levenswet gehoorzame

;

,

op eigen

ruste op eigene zedelijke

;

verantwoordelijkheid; en tere op eigen kracht. Dit kan en moet natuurlijk dan nog nader gesplitst in een afzonderlijk

en bestuur voor elke groep koloniën

beheer

^

wier ligging, beteekeuis

of geaardheid dit eischt; zoo zelfs dat het alleszins overweging zou ver-

dienen voet

,

te

om

b,

het uiterst belangrijke Sumatra allengs meer op eigen

V.

Maar voor de generale

brengen.

quaestie, die ons thans bezig

houdt, kan deze splitsing buiten geding blijven. Het komt thans slechts

op

beginsel aan

het

zelve

en

afgerond

de huishouding van het Moederland in zich

dat

,

afgesloten

zij

onder de hoogheid van het Rijk

en dat de

,

overzeesche bezittingen

een inrichting ontvangen

,

,

die strookt

met haar belang, haar natuur en haar geaardheid. Hetwelk in dezen

7.{n

des Rijks de wet gegeven

uitgeoefend worden

;

te verstaan is

dat in de Koloniën alleen in

,

naam

recht gesproken en daden van beheer en bestuur

,

zoo echter, dat wat niet de hoogheid van het Rijk

maar de binnenlandsche aangelegenheden der Koloniën raakt,

maar

Plein zijn beslissing vinde,

te Batavia

en

te

niet op het

Parimaribo

zelf.

Het Rijk als souverein heeft het recht, zijn Commissarissen of Gouverneuren en Hooge Raden te benoemen vertegenwoordigen zullen

;

het recht

inmenging der Kolonie, uitgaande,

,

die de rijksh oogheid in de Kolonie

om

in wetten

alle

,

van het Rijk zonder ,

belangen te regelen, die deze

rijkshoogheid over de Kolonie belichamen moeten; het recht ook wettelijke regeling der binnenlandsche aangelegenheden

van

goedkeuring en bloc afhankelijk te stellen

zijn

;

om

de

van de Koloniën

het recht voorts

om

de Kolonie, als zijn bezit, door verdragen te verbinden aan derden; en het

eindelijk

recht

en den plicht,

om

het koloniaal bestuur aan zich

rekenplichtig en dus verantwoordelijk te houden

,

zoo op sociaal en poli-

tiek als op financieel en fiscaal terrein.

§

247.

Hoogheidsrechten van het

Afgescheiden

Rijk.

van het koloniaal bestuur en beheer,

als

het hoogheids-

recht van het Rijk rakende, en derhalve, hetzij rechtstreeks onder den

Gouverneur, slechts

zijn:

hetzij i.

het

onder beleid

een der

specialen Commissaris staande,

zou dan

buitenlandsche aangelegenheden;

2.

de

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1880

Abraham Kuyper Collection | 512 Pagina's

"Ons program" - pagina 340

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1880

Abraham Kuyper Collection | 512 Pagina's