Political speeches by Abraham Kuyper and others - pagina 255
[1]. Om de bewaring van het pand : rede ter opening van de Deputatenvergadering gehouden te Utrecht op 23 April 1925 / door H. Colijn -- [2]. Toevende dageraad : rede ter opening van de Deputaten-vergadering gehouden te Utrecht op 13 April 1920 / door H. Colijn -- [3]. Wat nu? : rede ter opening van de Deputaten-vergadering, gehouden te Utrecht op 2 mei 1918 / door A. Kuyper -- [4]. "De Kleyne luyden" : openingsrede ter Deputaten-vergadering van 23 November 1917 / door A. Kuyper -- [5]. De wortel in de dorre aarde : opeiningsrede ter Deputaten-vergadering van 2 November 1916 / door A. Kuyper -- [6]. De meiboom in de kap : openingswoord ter Deputaten-vergadering van 24 April 1913 / door A. Kuyper -- [7]. Christelijke en neutrale Staatkunde : rede ter inleiding van de Deputatenvergadering, gehouden te Utrecht, op 13 April 1905 / door H. Bavinck -- [8]. Volharden bij het ideaal : openingswoord ter Deputatenvergadering, van 17 April 1901 / door A. Kuyper -- [9]. Eer is teer : tegen Mr. W.H. De Beauforts gidsartikel "De Deputatenvergadering" / door A. Kuyper
31
klinken in de ooren van godsdienstige menschen, die over staat kunde weinig nadenken, voor den ernstigen Protestant die zich rekenschap geeft van de beteekenis van elk woord, kan zij inderdaad geen zin hebben. Van een volledige onderwerping van den Staat aan God kan voor hem geen sprake zijn, niet eerst sedert de Fransche Revolutie maar sedert de kerkhervorming der zestiende eeuw. Het protestantsch beginsel, dat
liefelijk
;
geen aardsch gezag het recht heeft aan het menschelijk geweten datgene op te leggen, wat het niet na eigen onderzoek kan aannemen, sluit elke onderwerping uit aan een gezag, dat zich voordoet als vertegenwoordiger van Gods wil op aarde. De Protestant wil niet onderworpen worden aan
God door middel van de Overheid, die hem regeert; hij kent geen andere onderwerping aan God, dan die het eigen geweten hem gebiedt. Een onderwerping van den Staat aan (jod heeft voor hem óf de beteekenis, dat de Staat tusschen hem en zijn geweten zal staan, óf in het geheel geene beteekenis.
zeggende
Mag ik
Zij is
leus,
O"
U
nu
ik
óf het oude Roomsch-Katholieke beginsel, óf eene niets-
maken, waarom het gehoor, dat
allereerst duidelijk
op de Deputatenvergadering toesprak, ten deze op minder moe lelijk-
heid stuitte dan een
lid
der
6^zVz'.y-redactie
Verreweg het grootste deel Standaard,
en vond
»Dit nu :
~),
doet een andere, niet
zijn,
die
Drie antwoorden
Vooreerst der Kerk! Rome heeft
?
gehoor namelijk
leest
de
dat blad, dat tien
deze korte uiteenzetting van dit geding:
op welke wijze de Overheid
beginselen
dit
nummer van
reeds in een
jaren geleden verscheen
lijk
van
minder gewichtige vraag rijxen, nameweten komen, welke die eeuwige
zal te
Gods Woord ons
voorlegt.
op die vraag denkbaar.
zijn
kan men zeggen
en, gelijk
men
:
Dat aan
weet, gaf
te
Rome
w
dit
ij zen, is de taak antwoord metterdaad.
nooit ontkend, dat aan de Overheid in eigen sfeer zekere
zelfstandigheid van oordeel toekwam;
eeuwige beginselen sprake was, zich
maar zoo dikwijls er van de eerste, ook ten aanzien van de Over-
steeds,
heid, het recht van beslissing voorbehouden.
Let wel, voorbehouden niet slechts in den aannemelijken zin, dat ze haar aanbeval en aandrong, maar zich gereserveerd als uitoefening van een haar toekomend gezag dat, wel feitelijk opzij kon gezet, maar,
beslissing
naar geestelijk recht, nooit straffeloos kon geschonden.
Denk aan Syllabus en Encycliek! Tegen deze oplossing der quaestie nu ')
Gids iSSg,
p.
558.
^)
plaatsten wij ons lijnrecht o\er.
StafiJaard van lO Mei 187S.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1889
Abraham Kuyper Collection | 283 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1889
Abraham Kuyper Collection | 283 Pagina's