Gomer voor den Sabbath - pagina 58
„HEBT UWE VIJANDEN
54
LIEF.
'
En denk nu niet, dat de Heere Jezus dat alleen van een hoog enkele eischt, die, in vroomheid en godzaligheid bizonder ver voortgeschreden, allengs tot een heiliger levenstoon gekomen is. o Neen de Heere richt zich bij dat zeggen tot een iegelijk. Hij spreekt algemeen: „Gij, hebt uw vijand lief, zegen ze die u vervloeken, doe wel dengenen, die u haten, en bid voor degenen, die u geweld aandoen en u vervolgen." Meer nog, nooit kunt ge het Onze Vader bidden, of die gesteldheid der ziele moet in u verwezenlijkt zijn. Want immers ook in dat Onze Vader heet het: „En vergeef ons onze schulden, gelijk wij vergeven onzen sehuldenarenT En dit kan ook niet anders, want de liefde voor onze vijanden ,
,
wortelt in heel
uw
Christelijke belijdenis.
Let maar op deze vier punten: Als David voor Absalom vlucht en Simel hem van de hoogte vloekt, willen de zonen van Zeruja aan Simei den kop voor de voeten leggen. Maar David verstaat het anders, en zegt: „Wat heb ik met u te doen, o zonen Zeruja? Want de Heere heeft tot hem gezegd: Vloek David. Wie zou dan zeggen: Waarom hebt alzoo gedaan?" (2 Sam. 16 10.) Hier ziet ge uit, hoe een kind van God in eiken vijand een instrument des Heeren heeft te zien; een mensch, die zonder zijn wil zich niet roeren noch bewegen kan en zonder wiens wil en bestel geen enkele vijandschap ons overkomt. Nu bijt de hond wel in den steen; maar ^/>" weet dat de oorzaak niet bij dien steen maar bij den werper ligt. En zoo dan ook hebt ge bij alle persoonlijke bitterheid, die u treft, niet op uw vijand te zien, die u hoont, maar op uw God, die dit hoonen noodig voor u acht, om u te kastijden of te heiligen. gij
:
;
,
,
Dat vooreerst, maar er zijn hier te letten hebt.
nog
drie andere stukken
waarop ge
,
Immers, wat uw vijand tot haat prikkelt, is niet anders dan de macht der zonde. En die macht der zonde woont waarlijk niet in hem alleen maar in uw hart evenzeer. En als nu in zijn hart die zonde zoo schriklijk uitbot, en bij u wierd ingehouden wat is dat dan anders dan een meerdere genade, die u verleend wierd; en wat zou die meerdere genade dan anders in u verwekken dan deernis en mededoogen voor dien minder bedeelde, die zooveel erger onder de macht der zonde lijdt, en die, omdat hij in zijn haat zelf niet kan bidden, geholpen moet door uw gebed? En dan in de tweede plaats. Is hier geen oorzaak ook voor zelfaanklacht ? Of waar was ooit een vijand die ons haatte dien wij door onze woorden of daden vreeslijke
,
,
,
,
,
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1889
Abraham Kuyper Collection | 310 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1889
Abraham Kuyper Collection | 310 Pagina's