Political speeches by Abraham Kuyper and others - pagina 14
[1]. Om de bewaring van het pand : rede ter opening van de Deputatenvergadering gehouden te Utrecht op 23 April 1925 / door H. Colijn -- [2]. Toevende dageraad : rede ter opening van de Deputaten-vergadering gehouden te Utrecht op 13 April 1920 / door H. Colijn -- [3]. Wat nu? : rede ter opening van de Deputaten-vergadering, gehouden te Utrecht op 2 mei 1918 / door A. Kuyper -- [4]. "De Kleyne luyden" : openingsrede ter Deputaten-vergadering van 23 November 1917 / door A. Kuyper -- [5]. De wortel in de dorre aarde : opeiningsrede ter Deputaten-vergadering van 2 November 1916 / door A. Kuyper -- [6]. De meiboom in de kap : openingswoord ter Deputaten-vergadering van 24 April 1913 / door A. Kuyper -- [7]. Christelijke en neutrale Staatkunde : rede ter inleiding van de Deputatenvergadering, gehouden te Utrecht, op 13 April 1905 / door H. Bavinck -- [8]. Volharden bij het ideaal : openingswoord ter Deputatenvergadering, van 17 April 1901 / door A. Kuyper -- [9]. Eer is teer : tegen Mr. W.H. De Beauforts gidsartikel "De Deputatenvergadering" / door A. Kuyper
,
14
den grond niet anders dan een ontkenDe Staat ben ik! zoo sprak eenmaal de zonnekoning. De Staat zijn wij! zoo zeggen de „citoyens" van onzen tijd. Merkwaardig is hierbij intusschen het standpunt van den sociaal-democratischen Prof. Bonger, Deze wil wel medezeggingschap der arbeiders in de leiding van het particuliere bedrijf, doch acht haar niet gewenscht in het gemeenschapsbedrijf^). Zou het ook kunnen zijn dat hier in het onderbewustzijn de vrees aanwezig is, dat zulk een medezeggingschap in de leiding wellicht niet ten goede zou komen aan de uitkomsten van het naar het
ni maitre, in
ning van de autoriteit van het gezag.
bedrijf?
Van
dit
onderwerp mag
ik niet afstappen
zonder nog met een
enkel woord te hebben gewezen op het zich openbarend streven
om
het
,,
georganiseerd overleg" in den publieken dienst
om
te
een reëele medezeggingschap van werklieden en ambtenaren in overheidsdienst. Op (^t streven wijs ik zelfs met bij zonderen nadruk, omdat in onzen eigen kring hierover ook verkeerde begrippen zijn ontstaan. Het meest complete overleg zetten in
kan nimmer inbreuk maken op wat Kuyper schreef in de toelichting op art. 4 van ons Program van Beginselen; ,,Aan de Overheid ,,komt het toe heerschappij te voeren. Ze heeft een heer,,schende, een bedienende macht ontvangen. En ze niet ,,mist derhalve karakter, werpt zich zelve weg en verzaakt haar roeping, indien ze den hoogen moed mist om met bevelende autoriteit en dwingend gezag op te treden". De handhaving van die autoriteit houdt voor het volk een rijken ,,
,,
zegen
De
in;
prijsgeving ervan veroorzaakt onherstelbare schade
neiging der revolutionaire democratie die zich richt op de
ondergraving van het gezag in alle levenskringen, vindt haar diepsten grond in de verloochening van het goddelijk gezag, In
Het
het; is
ni
dieu,
ni
maitre,
zie
men geen
nevenschikking.
veeleer zóó, dat het ni maitre met ijzeren consequentie
Dieu voortvloeit. Die loochening van het goddelijk gezag is voorts ook daarom zoo gevaarlijk wijl zij zich lang niet altijd openbaart als begeleidingsverschijnsel van de revolutionair -democratische gezindheid. En zeker spreekt het lang niet altijd zoo sterk als in Rusland, waar de haat tegen den godsdienst zonder grens of maat is. De uit het ni
^)
Zie zijn artikelen in de Socialistische Gids
van Nov, 1923 en Jan,
1924.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1889
Abraham Kuyper Collection | 283 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1889
Abraham Kuyper Collection | 283 Pagina's