Political speeches by Abraham Kuyper and others - pagina 275
[1]. Om de bewaring van het pand : rede ter opening van de Deputatenvergadering gehouden te Utrecht op 23 April 1925 / door H. Colijn -- [2]. Toevende dageraad : rede ter opening van de Deputaten-vergadering gehouden te Utrecht op 13 April 1920 / door H. Colijn -- [3]. Wat nu? : rede ter opening van de Deputaten-vergadering, gehouden te Utrecht op 2 mei 1918 / door A. Kuyper -- [4]. "De Kleyne luyden" : openingsrede ter Deputaten-vergadering van 23 November 1917 / door A. Kuyper -- [5]. De wortel in de dorre aarde : opeiningsrede ter Deputaten-vergadering van 2 November 1916 / door A. Kuyper -- [6]. De meiboom in de kap : openingswoord ter Deputaten-vergadering van 24 April 1913 / door A. Kuyper -- [7]. Christelijke en neutrale Staatkunde : rede ter inleiding van de Deputatenvergadering, gehouden te Utrecht, op 13 April 1905 / door H. Bavinck -- [8]. Volharden bij het ideaal : openingswoord ter Deputatenvergadering, van 17 April 1901 / door A. Kuyper -- [9]. Eer is teer : tegen Mr. W.H. De Beauforts gidsartikel "De Deputatenvergadering" / door A. Kuyper
51
verzwakt wordt, en hoe de echte wetenschap dan het zonder krukken op eigen beenen
opheft, als ze
oudtijds het geval was,
om
tens haar roeping
ontwikkeling op
om
uitkomt,
vrije
uw
blik.
dat inde laatste jaren zeker deel
uit,
steun aan de Antirevolutionaire partij bood,
meer conservatieve geesten de
deze
bij
toe-
het democratisch element in de antirevolutionaire
aan banden
Ook vermoedt
te leggen.
dat deze conservatieve sympathiën mij soms Ja, dat al te sterke invloed
bezorgen.
dienen,
te
bewijs voor de scherpte van
levert
zijn
en dat zeer kennelijk
partij
loopen, gehjk dit
dat de Overheid juist krach-
door staatsinmenging de
dikwijls ze
en spreekt het
in
der Conservatieven
leg
mag
het hoofd
dit drievoudig heilige erf stoort.
slotopmerking
Gij ziet toch
ik,
Dienaresse Gods haar Koning
als
Hem, zoo
zondigt tegen
Uw
— nu concludeer
fierst
Gij
niet ten onrechte,
pijnlijke
oogenblikken
van deze sympathiën ten
leste
op verbastering van den antirevolutionairen stam zou kunnen uitloopen.
Toch
geeft
dan dat
U
Gij
ook
deze
bij
fijne
opmerking
op U,
te veel vat
het genoegen ontzeggen zou, ook op dit punt
ik mij
met
af te rekenen.
En dan kom van den
ik al
op
strijd
aanstonds op tegen
kerkelijk
dan metterdaad het verschil
daarom teit
niet tusschen
gehoorzamen aan eene
niet
van Christus
zonderlinge vergelijking
beide
?
In de
is
Vat
Gij
Kerk mag
ik
organisatie, die de souvereini-
kerk vernietigt, omdat de Kerk
in zijn
dering der geloovigen'
uw
met dien op staatkundig gebied.
vide
verga-
en reeds het enkele denkbeeld van een
;
vergadering van »geloovigen", die heult met wie Christus souvereiniteit
in
Kerk aanrandt, een
zijn
In den Staat daarentegen leven
contradictio in terminis zou zijn.
we
niet als
burgers mét ongeloovigen saam, en ben ik dus van lijkheid
plicht
alle
voor den gang van het staatsbestuur, mits ik doe,
vrij.
bestormd" werp
kwamen, dat verkeeren,
Ook wat ik verre
Gij
van
mij aanwrijft, als
mij.
maar
y>geloovigen\
had
Toen onze vaderen
verantwoordeals kiezer
ik
»
zij
niet
mijn
de Kerk
tot het inzicht
ze niet langer onder de Pauselijke Hiërarchie
hebben ook
als
mochten
de Kerk ;^bestormd", maar eenvoudig
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1889
Abraham Kuyper Collection | 283 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1889
Abraham Kuyper Collection | 283 Pagina's