Political speeches by Abraham Kuyper and others - pagina 139
[1]. Om de bewaring van het pand : rede ter opening van de Deputatenvergadering gehouden te Utrecht op 23 April 1925 / door H. Colijn -- [2]. Toevende dageraad : rede ter opening van de Deputaten-vergadering gehouden te Utrecht op 13 April 1920 / door H. Colijn -- [3]. Wat nu? : rede ter opening van de Deputaten-vergadering, gehouden te Utrecht op 2 mei 1918 / door A. Kuyper -- [4]. "De Kleyne luyden" : openingsrede ter Deputaten-vergadering van 23 November 1917 / door A. Kuyper -- [5]. De wortel in de dorre aarde : opeiningsrede ter Deputaten-vergadering van 2 November 1916 / door A. Kuyper -- [6]. De meiboom in de kap : openingswoord ter Deputaten-vergadering van 24 April 1913 / door A. Kuyper -- [7]. Christelijke en neutrale Staatkunde : rede ter inleiding van de Deputatenvergadering, gehouden te Utrecht, op 13 April 1905 / door H. Bavinck -- [8]. Volharden bij het ideaal : openingswoord ter Deputatenvergadering, van 17 April 1901 / door A. Kuyper -- [9]. Eer is teer : tegen Mr. W.H. De Beauforts gidsartikel "De Deputatenvergadering" / door A. Kuyper
DE MEIBOOM
niet
DE KAP.
IN
dat kan eerst de wet ons brengen
;
nog
we
de kap,
slechts
Nu
zal.
maar
;
al
komen moet en wat
uit
dit voorstel
is
kap dan toch, met het oog
zien in die
des geloofs, nu reeds wat er
11
er uit
worden
weer terugsloeg, dan na
reeds, of als Links ons ditmaal
nieuwe lijdensjaren voor Links in de periode, die dan volgt. Dit dwingt onze wilskeus
bus
God
aan onzen
blijve
De
niet af.
uitkomst ook van deze stem-
profetischen geest getuigen
:
Nu
of over vier jaren,
victorie der vrije school, ze komt
Hoe
van het Grondwetsartikel
die
zijn,
maar de
in
volle
ï
Slechts één ding vergete geen uwer.
moge
we
Alleen dit blijven
toevertrouwd.
rijk
ook de bezieling
in project uitgaat, het
kan ons den strijd bij de stembus niet sparen, ja't dreigt veeleer omgekeerd het karakter van dien strijd nog te verscherpen. Zoo we, als in Juni de stembus opengaat, onze rijkste stembusexploiten van weleer niet nog overtreffen, kan er van overwinning ditmaal geen sprake
woede op u aan
verbeten
Niets
Een
ge
of
zult
Men
kan
aan
het
tegen
gespaard,
„Gij of ik er onder
:
de
Geen
te vallen.
man
er
ditmaal
u
zal
!" zal
niet
weer
te
te
maar
groot een offer achten,
ontrukken.
Vinde
maar
onverdroten,
kloekheid
om
gegeven worden.
niet
van de overzij de
overzijde
die
strijdleus
zich
inspanning zal
uiterste der
u
worden.
men
niet zetten, dat
om
strijd
blijft
ge thans
zetel haalt
man voor vechten moeten.
niets
de regeermacht ontgaan zag, en het
men
om dat grondom letterlijk met
toch, juist
't
maakt men van Links zich op,
wetsvoorstel
binnen
Ge weet
zijn.
die verloren
macht ons
dan ditmaal vooral
tegelijk
in al
uwe
in
districten
aan wat naar overmoed ook maar zweemen zou gespeend.
De krenking ons voor nu vijftig jaren aangedaan was zoo bang, en bitterlijk hebben we in het diensthuis bij de tichelsteenen geleden. alsof,
Zoo in
genschap van toch in
nu bekruipt ons
vergoeding voor in 's
'13, dat
om
licht
dit leed,
juist
we
doorleven, maant ons hiervan is
juist het jubeljaar
Niet het minst
af.
de dwingelandij van het Liberalisme ons
de eeuw, die verliep, overkomen. af,
besef,
thans toch wel waarlijk het zeg-
Landszaken óns toekomt, maar
eigen schuld
en vraag u
daarom hoogmoedig
Denk maar aan 1813
waar toen de Calvinisten scholen
;
terug,
wat de Calvi-
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1889
Abraham Kuyper Collection | 283 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1889
Abraham Kuyper Collection | 283 Pagina's