Gomer voor den sabbath - pagina 132
ACHTTIENDE ZONDAG.
»IK
ZAL U GEEN WEEZEN LATEN."
Ik
weder
zal
geene weezen laten Joh. 14
tot u.
Ik
;
:
kom
18.
Een wees is een beroofd kind. Bij een kind hoort een vader en bij een kind hoort een moeder. En als nu een dier twee of beiden saam aan het kind ontnomen worden^ dan is er een harde breuke in dat kinderleven geslagen. Want, hoe zal het nog kind zijn, als het niet meer staren kan in het trouwe vaderoog, of zijn lieve moeder meer met hangen ?
niet
teedere
kinderliefde
aan den hals kan
Daarom is wees te zijn zoo hard, zoo bang, zoo wreed, en kan God de Heere daarom alleen kinderen tot weezen maken, omdat Hijzelf dan in de plaats treedt en Vader van het loeeskind wezen wil. Vandaar dat het zoo onvergeeflijk is, om een weeskind niet tot zijn » Vader in de hemelen" op te leiden, en zoo getuigend tegen een kind, dat wees wierd, als het dien »Vader in de hemelen" niet zoekt. En nu, veel meer dan vader en moeder saam was Jezus voor zijn lieve jongeren op aarde geweest. Hun éen en alles. Die zalige Leidsman, om wiens wil ze huis en hof, kring en beroep, om wien ze vader en moeder verlaten hadden.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1889
Abraham Kuyper Collection | 310 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1889
Abraham Kuyper Collection | 310 Pagina's