Political speeches by Abraham Kuyper and others - pagina 3
[1]. Om de bewaring van het pand : rede ter opening van de Deputatenvergadering gehouden te Utrecht op 23 April 1925 / door H. Colijn -- [2]. Toevende dageraad : rede ter opening van de Deputaten-vergadering gehouden te Utrecht op 13 April 1920 / door H. Colijn -- [3]. Wat nu? : rede ter opening van de Deputaten-vergadering, gehouden te Utrecht op 2 mei 1918 / door A. Kuyper -- [4]. "De Kleyne luyden" : openingsrede ter Deputaten-vergadering van 23 November 1917 / door A. Kuyper -- [5]. De wortel in de dorre aarde : opeiningsrede ter Deputaten-vergadering van 2 November 1916 / door A. Kuyper -- [6]. De meiboom in de kap : openingswoord ter Deputaten-vergadering van 24 April 1913 / door A. Kuyper -- [7]. Christelijke en neutrale Staatkunde : rede ter inleiding van de Deputatenvergadering, gehouden te Utrecht, op 13 April 1905 / door H. Bavinck -- [8]. Volharden bij het ideaal : openingswoord ter Deputatenvergadering, van 17 April 1901 / door A. Kuyper -- [9]. Eer is teer : tegen Mr. W.H. De Beauforts gidsartikel "De Deputatenvergadering" / door A. Kuyper
— zoo sprak Minister Heemskerk onlangs, gelegende Tweede heid van de behandeling der Psychopathenwet — Kamer „als het adjectivum „modern" hoor, word Als ik
ter
in
ik altijd
ik
,,een weinig ongerust-
Wanneer men
„mij dat altijd denken aan ,,digen tijd
iets,
en dat zich wegens
is
„hetgeen in vroeger
tijd
spreekt van modern, doet
dat alleen voor den tegenwoorzijn
nieuwheid onderscheidt van
gegolden heeft, toen
men
natuurlijk veel
„duisterder inzichten had en veel minder heldere begrippen dan ,,
tegenwoordig!"
,,
hebben moet
En een
liet hij daarop volgen: moderne, dat voor zekeren
oogenblik later is
niet het
„het klassieke, dat voor alle tijden
men
,,Wat tijd
is,
maar
is."
Tegenover het voorbijgaande, het blijvende. Of, wilt ge het in de taal van onzen Bijbel, tegenover het ongoddelijk ijdel roepen, het bewaren van het pand dat van eeuwigheid is.
— schoon ditmaal niet Voorzitter Uwer vergadering, vernieuwing het voorrecht geschonken wordt op noodiging — Nu
mij
als
maar krachtens eene vereerende en hoogelijk gewaardeerde
uit-
bij
onzen vierjaarlijkschen toogdag totU het woord te kunnen voeren, wil ik U voor heden bij den toenemenden ernst van die tegenstelling tusschcn Dwaling en Waarheid; tusschen den geest van het ongeloof en den geest die naar het Woord des Heeren is; tusschen de eischen van den mensch en het Recht Gods bepalen. Die keuze van mijn onderwerp is niet vrucht van een invallende gedachte; zij is gevolg van eene in den laatsten tijd gerijpte overtuiging, dat de zuigkracht van onjuiste begrippen, van verkeerde beginselen ook in onzen eigen kring niet geheel zonder invloed bleef.
Daarom moet
telkens weer op de blijvende tegen-
de aandacht worden gevestigd en zonder omwegen gezegd wat eenerzij ds als eisch van ons beginsel moet worden aanvaard en aan den anderen kant, als daarmee in strijd, moet stellingen
worden teruggewezen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1889
Abraham Kuyper Collection | 283 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1889
Abraham Kuyper Collection | 283 Pagina's