Political speeches by Abraham Kuyper and others - pagina 42
[1]. Om de bewaring van het pand : rede ter opening van de Deputatenvergadering gehouden te Utrecht op 23 April 1925 / door H. Colijn -- [2]. Toevende dageraad : rede ter opening van de Deputaten-vergadering gehouden te Utrecht op 13 April 1920 / door H. Colijn -- [3]. Wat nu? : rede ter opening van de Deputaten-vergadering, gehouden te Utrecht op 2 mei 1918 / door A. Kuyper -- [4]. "De Kleyne luyden" : openingsrede ter Deputaten-vergadering van 23 November 1917 / door A. Kuyper -- [5]. De wortel in de dorre aarde : opeiningsrede ter Deputaten-vergadering van 2 November 1916 / door A. Kuyper -- [6]. De meiboom in de kap : openingswoord ter Deputaten-vergadering van 24 April 1913 / door A. Kuyper -- [7]. Christelijke en neutrale Staatkunde : rede ter inleiding van de Deputatenvergadering, gehouden te Utrecht, op 13 April 1905 / door H. Bavinck -- [8]. Volharden bij het ideaal : openingswoord ter Deputatenvergadering, van 17 April 1901 / door A. Kuyper -- [9]. Eer is teer : tegen Mr. W.H. De Beauforts gidsartikel "De Deputatenvergadering" / door A. Kuyper
20
Bond toetrekomt en is de
Duitschland en Rusland niet spoedig als leden van den
van vermindering
den, dan vrees ik dat er
niets
mogelijkheid van verhoogde verplichtingen geenszins uitgesloten.
Veel
in
deze beschouwingen
staat toch vast, dat wij niet
gende
paar
jaren
is
uiteraard speculatief,
weten hoe de zaken zich
Een
ontwikkeien.
zullen
vijandelijkheden in een groot deel van Europa
en verder
ons
is
— ook
als
bewapeningen
dit
eene
de eerstvol-
hervatting
van
geenszins uitgesloten
ten goede loopt
alles
men
omtrent de richting die
is
maar in
— niets
bekend
een streven naar beperking der
bij
zal inslaan.
Zal dit zijn een algemeene voiksoefening met zeer korten oefentijd; zal
men voor
allen eene oplossing
zoeken
in
de richting
als
men aan
Duitschland heeft opgelegd? D.w.z. een staand ieger van huurlingen, zooals vóór de Napoleontische periode algemeen in Europa bestond.
Wie
er, die hier
is
eenig uitsluitsel kan geven? Niemand, naar
meen. Maar volgt daaruit dan
niet,
dat
de
reorganisatie van ons militair systeem nog niet
tijd is
ik
voor ingrijpende
aangebroken? Volgt
daaruit dan niet, dat wij voorshands het beste doen onze militaire
weerkracht ongerept
te
laten dringen in een
kunnen
blijven
handhaven en dat
richting,
die
wij
wij ons
ook
niet
moeten
misschien straks toch niet
volgen?
Maar de onvermijdelijke bezuiniging dan, zoo vraagt ge. Die bezuiniging kan verkregen worden zonder eenige wezenlijke verandering te brengen
in
ons weerstandsvermogen.
In 1912/1913
hebben
wij een organisatie in het ieven geroepen, die
ons geven zou een leger (de landweer inbegrepen) van ruim 200.000
man met een geleidelijk aangroeiende geoefende landstormreserve van 170.000 man. De tijdens den oorlog getroffen voorzieningen hebben er toe geleid, dat deze sterkte van 370.000 geoefende mannen werd dan destijds voorzien werd, maar dat werd overschreden. De juiste cijfers zijn mij niet bekend, maar ik zal wel niet ver van de waarheid zijn, indien ik de totale legersterkte bij het einde van den oorlog op ongeveer 450.000
niet alleen eerder bereikt
zelfs niet onbelangrijk
zij
man
stel.
Welnu, het
laat
was toen
ons dat apparaat nog een paar jaren behouden, zooals
wij tot demobilisatie overgingen. In
len wij toch wel eenige vingerwijzing
Persoonlijke lasten brengt huis.
dit niet
twee jaren
tijds zul-
hebben welken kant het opgaat.
meer, want de menschen
zijn
naar
Kosten van beteekenis evenmin.
Maar waar
is
dan de bezuiniging, zoo vraagt ge opnieuw. Die
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1889
Abraham Kuyper Collection | 283 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1889
Abraham Kuyper Collection | 283 Pagina's