Political speeches by Abraham Kuyper and others - pagina 142
[1]. Om de bewaring van het pand : rede ter opening van de Deputatenvergadering gehouden te Utrecht op 23 April 1925 / door H. Colijn -- [2]. Toevende dageraad : rede ter opening van de Deputaten-vergadering gehouden te Utrecht op 13 April 1920 / door H. Colijn -- [3]. Wat nu? : rede ter opening van de Deputaten-vergadering, gehouden te Utrecht op 2 mei 1918 / door A. Kuyper -- [4]. "De Kleyne luyden" : openingsrede ter Deputaten-vergadering van 23 November 1917 / door A. Kuyper -- [5]. De wortel in de dorre aarde : opeiningsrede ter Deputaten-vergadering van 2 November 1916 / door A. Kuyper -- [6]. De meiboom in de kap : openingswoord ter Deputaten-vergadering van 24 April 1913 / door A. Kuyper -- [7]. Christelijke en neutrale Staatkunde : rede ter inleiding van de Deputatenvergadering, gehouden te Utrecht, op 13 April 1905 / door H. Bavinck -- [8]. Volharden bij het ideaal : openingswoord ter Deputatenvergadering, van 17 April 1901 / door A. Kuyper -- [9]. Eer is teer : tegen Mr. W.H. De Beauforts gidsartikel "De Deputatenvergadering" / door A. Kuyper
DE MEIBOOM
14
klagen, hoe
de
krijgen,
KAP.
vijand
Ze waren
voelde.
maar
wakker
niet
wat eens Hollands glorie was.
van
erven
te
Zelfs in
uw eerste officieele Deputatenvergadering nog slechts man met uw Centraal Comité opgekomen, en nog geen ander half op
1881
30
DE
zich als een veldheer zonder leger, als een spot
hij
den
tegenover
IN
dozijn kiesvereenigingen in deputatie. in
gekomen.
Van de
wondere
herleving.
In
schot
Maar toen
er
is
dan toch
tachtiger jaren her dagteekent onze
waren de 30 Deputaten reeds
1905
twee en half duizend uitgedijd,
en thans staat geheel
't
tot
land dan
toch met onze 640 Kiesvereenigingen in vast ineengesnoerde organisatie.
na Groens dood begon de herleving, en met
jaren
Vijf
zeldzame stuwkracht
nu
daar
in,
is
misgun
ik
ze sinds onverflauwd doorgegaan.
u
't
niet.
Roemt
Alleen maar, legt af en weert
op eigen en der ouderen veerkracht. Terugziende op ons verleden van af Munster hebben wij. Calvinisten, zelfverheffing
alle
om
geen andere oorzaak dan
En
wedijveren.
te
uw
sinds
als
in
zelfverootmoediging met elkander
dan thans u zoo
ge
maar dankt en aanbidt veeleer voor wat zondigen
Drukt M.
van
ons
het
dubbele
H., dit
het
uw
weerwil van
in
u,
uwen God beschoren werd, niet om u verheffing van Zijn heiligen Naam.
van
slaap,
kroonen, maar tot
thans
gevoelt in wat
rijk
deel wierd, zingt dan geen klaaglied over geleden leed,
feit,
eerst
te
van onze zelfwegcijfering en
weer opkomen der Calvinisten voor
verrassend
merk op dit Jubeljaar, hoe kan 't dan anders of de ook nu weer te wachten staat, moet er te bezielder
die ons
strijd,
en scherper tegen ons
om
zijn,
zijn.
Wie
niet
met ons
want de overtuiging, waar
is,
kan niet anders, dan
wij voor
opkomen, duldt
Onze tegenstanders kunnen niet anders doen. staan. En al wraakten we steeds wat er onridderlijks in hun aanval was, die aanval, dat verzet zelf, is steeds door ons verstaan en gebillijkt. Stonden we, waar zij geen verwatering.
Ze móeten tegen ons over
we zouden
staan,
grondelijke
geheel helft
mysteriën,
afgezien
der
vereering
zelf
van
bevolking,
niet
anders
maar het kerkelijke
schier
in
van den Christus
als
feit
kunnen. ligt er
indeeling, elk
Het
zijn
nu eenmaal steeds
land, zich
onzen Koning
om
ondoortoe,
en
om
dat
de
voor of tegen de keert.
Het
is
zoo
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1889
Abraham Kuyper Collection | 283 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1889
Abraham Kuyper Collection | 283 Pagina's