Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Gomer voor den Sabbath - pagina 99

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Gomer voor den Sabbath - pagina 99

2 minuten leestijd

„IK ZAL U GEEN WEEZEN LATEN."

Nu

zonk Hij niet machteloos weg op ten hemel.

95

maar voer Hij

in het graf,

glorierijk

Nu Nu

stierf Hij niet,

verduisterde

maar bleef Hij

leven.

de kroon zijner majesteit niet, maar gloorde

die op.

En nu

ook dat wondere mysterie van een in glorie verhoogd is, en die toch van uit den hemel in gemeenschap met de zijnen blijft; gedurig in hun midden verkeert; woning in hun hart maakt; en door zijn majesteit, genade en Geest hun telkens zijn zalige nabijheid doet Christus,

ontsloot zich dan die in de hemelen

ervaren.

Reeds een kind, dat zijn aardschen vader niet verloor, maar, op verren afstand van hem gescheiden in gaande en keerende brieven van hart tot hart met zijn vader kan blijven spreken, heeft geen gevoel van wees zijn. En hoe zou dan het bang gevoel van wees te zijn in de ziel dier jongeren hebben kunnen stand houden, toen Jezus wel weg was maar toch nabij ; toen er een zalige gemeenschap met dien Heere in de hemelen voor hun hart was ontsloten en zij wisten dat zij tot Jezus spraken en Hij hen hoorde; en heerlijk merkten in hun hart dat het antwoord en meer dan het antwoord uit dien ,

,

;

,

hemel van hun Jezus terugkwam. Hoor dan ook Paulus maar jubelen: Eerst heb ik Jezus naar het vleesch gekend, maar nu ken ik Hem niet meer naar het vleesch. Nu is er veel zaliger en veel hooger gemeenschap. Levende liefdegemeenschap met mijn Heere en mijn Goei in den geest.

Toch zijn er nog, o, zooveel discipelen en discipelinnen des Heeren, die hier bijna niets van verstaan, en eigenlijk als ^^/'<7(7/(;/(f ^weezen op aarde voortkruipen tot aan hun dood. Ze hooren wel van Jezus. Ze gelooven wel in Jezus. Ze hebben Jezus wel lief. Ook belijden ze wel, dat aan Jezus als den eenig Dierbare al hun hope hangt. Maar ... de genieting hiervan stellen ze uit toi na hun sterven. Dan zullen ze gemeenschap met Hem oefenen. Maar nu hier op aarde in hun verlatenheid temidden van hun heimwee, nog niet. Deze zijn vrijwillige weezen die het niet hoefden te zijn en ,

,

,

,

die het niet

mogen

blijven.

Want immers, wat is dat eigenwillig wees zijn anders dan een moedwillig afsnijden van de zalige gemeenschap die een kind van God hier op aarde reeds met zijn Heiland in den geest ge,

nieten kan.? o.

Ons

Christelijk

van die hoogere

leven

wordt zoo dor en mat,

liefde er niet instraalt.

als

de glans

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1889

Abraham Kuyper Collection | 310 Pagina's

Gomer voor den Sabbath - pagina 99

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1889

Abraham Kuyper Collection | 310 Pagina's