Gomer voor den Sabbath - pagina 66
„GOD
02
IS
MEERDER DAN ONS HART
" !
Door ^<?/ Woord werkt de Geest dat. Die Heilige Geest, die aan den innerlijken Getuige een uitwendigen Getuige toevoegde in het Woord en nu door dat dubbele getuigenis u omverwerpt. Ja, erger nog. Als de Heilige
Geest, door het zielsoor te openen, u dan die veroordeelende stem van den uitwendigen en inwendigen Getuige heeft doen hooren, dan doet Hij u ook bekennen, dat er ach/er hetgeen gij van uw zonde begrijpt, nog heel een veld van dingen €n heel een afgrond van diepten ligt, waarvan ge niets begrijpt. Als gij dan uitgehoord zijt en niet meer hooren kunt, is die Rechter toch niet uitgesproken. Op verre na niet. En als uw hart niet meer kan, dan kan God nog aldoor. En ge merkt het: God is meerder dan mijn hart, en Hij kent alle dingen. Er komt dan een inzicht in een eeuwig-e, een besef van een oieindige schuld en doem. En dan eerst komt het wegzinken, het innerlijk verbrijzeld worden. o God wees mij armen zondaar, genadig
nog
,
,
!
Daarom brengt het Woord u veel verder dan de conscientie; want de uitwendige Getuige openbaart u een diepte van eeuwigen dood, waaromtrent het getuigenis van den innerlijken Getuige niet tot u doordrong.
het dan uit het Woord, de innerlijke Getuige elk gegeven geval voor u het zegel aan. En wie zonder den inwendigen Getuige alleen het uitwendig getuigenis neemt wordt niet geraakt. En op dat geraakt worden komt het toch aan. Want gij moet
Maar
geeft
er
toch, al toch in
komt
,
neergeworpen ge moet neergeslagen de afgod van uw ik moet in u verbrijzeld. Dagon moet vallen. En die uitwerking heeft het uitwendig getuigenis zonder den innerlijken Cietuige nooit. Niet de innerlijke Getuige s<7;/r/<?r het Woord. Dat kan evenmin Neen, dan gaat de vonk in ons af, en eerst als die twee saamstemmen wordt ons hart in vlam gezet en brandt onze hoogheid tot assche. En dan blijkt diezelfde God meerder dan ons hart óok in genade. Want wie zoo neergeworpen wierd, die heeft geen hope meer. Voor dien is alles doem en oordeel, stikdonkere nacht en duisternis en al het roepen van binnen is eeuwige dood Maar God is meerder dan dat enkel verdoemende hart. Hij is lankmoedig en genadig en groot in ontfermingen. En als dan de uitwendige Getuige op den Immanuel wijst, en de innerlijke Getuige predikt ons dien in zijn dierbaarheid, dan, maar ook dan eerst, wordt de conscientie in ons goed. Goed, zooals de heilige apostel het bedoelde, toen hij schreef van het vragen om een goed geweten, dat in ons roept naar God/ ;
;
,
,
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1889
Abraham Kuyper Collection | 310 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1889
Abraham Kuyper Collection | 310 Pagina's