Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

E voto Dordraceno : toelichting op den Heidelbergschen Catechismus - pagina 92

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

E voto Dordraceno : toelichting op den Heidelbergschen Catechismus - pagina 92

Derde deel

2 minuten leestijd

ZOND. XXVIII. HOOFDSTUK IV,

94

en vladen nog „gedeesemd brood." De maaltijd zou dus bestaan

uit vleesch,

met

brood, koeken en vladen; waarbij de vermenging en bestrijking

ons geen

onaangenamen indruk moet geven, naardien de

te

Een

lestina uiterst fijn en geurig waren.

gegeven;

priesters

kwam

overige

het

van de koeken aan

op tafel; en aan die tafel

vleesch van het offer nog den eigen dag gegeten, terwijl het

moest het

nog den tweeden dag kon genuttigd worden. Maar langer

ook

overige

en

oliën in Pa-

van het vleesch wierd dan

deel

geofferd; een deel van het vleesch, van de vladen en

de

olie

mocht

het

moest

verbrand

ook

feest

Zoo

worden.

Wat den derden dag nog overig was, men dus dat deze maaltijden bij het

duren.

niet

ziet

heiligdom een soort heilige offermalen waren, waarbij alleen wie Levitisch rein

was mocht

zoodat

aanzitten

;

waar

al

het geofferde als heilig wierd beschouwd.

den derden morgen moest verbrand worden; en waarbij

na

het

want het waren

voorts ingetogen vreugde heerschen moest,

dankoff'ers en

lofoffers die er aanleiding toe gaven.

men

Dringt

in het oog. dat al

terstond

het

in de geestelijke beteekenis dezer offermalen in,

wat naar het heiligdom gebracht wierd, w.

zoodra het er was, h'Uiy wierd, d

was maar

offeraar

meer het eigendom van den

niet

z.

eigendom van Jehova was overgegaan. Van dat

in het

oogenblik af was dus Jehova de Gastheer, die aan zijn volk

priester

Heeren

des

s'/;';^

disch

met

s/)'»

goed

verkwikte, en van wiens Tafel niets mocht worden medegeno-

De

men.

dan springt

op,

die

ook

maar de

ontving trad daarbij wel als dienaar

zijn deel

eigenlijke ongeziene Gastheer, wiens verborgen

tegenwoordigheid deze maaltijden tot een offermaal stempelde, was Jehova zelf.

Dat was dan ook de bewegende oorzaak waarom deze offermalen

plaatse

van

de

genwoordigheid en in

zijn

rande,

offerande gehouden wierden. Het te

den

om

door

Hem

hooge tegenwoordigheid

Hem

lag.

disch

aan

te

Ook toch

om

bij

zijn

Hem

eiken

is

uit,

wat ook

niet reeds

naam

de tegenwoordigheid des Heeren

zijns

naams

men

is

God

des Heebij

den

weggaat,

te geven. In

den

elke maaltijd onder godvruchtige lieden een offermaal. Ze

morgen en eiken avond

de eere en laten ze zich door

leidt ze niet

te-

zijn offe-

den huislijken disch

kondigen; en er wordt gedankt als om, eer

nogmaals den Goddelijken Gastheer de eere grond dus

Heeren

De Jood bracht

de Schenker en de Uitdeeler en treedt de huisvader in den

ren op. Er wordt gebeden, als

's

offer bracht.

dus in de offerande zich niets

gewonen maaltijd

was om

gespijsd en verkwikt te worden,

te verkeeren.

maar de Heere onthaalde wie

Feitelijk spreekt

in

doen;

ter

van God

af,

bij

maar brengt

Daar nu echter het gewone leven

den Heere

Hem in

ze

te gast.

Dan geven

ze

begenadigen, en ook de maaltijd

weer

tot

den regel

Hem. te onrein, te onheilig

en

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892

Abraham Kuyper Collection | 631 Pagina's

E voto Dordraceno : toelichting op den Heidelbergschen Catechismus - pagina 92

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892

Abraham Kuyper Collection | 631 Pagina's