Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

E voto Dordraceno : toelichting op den Heidelbergschen Catechismus - pagina 292

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

E voto Dordraceno : toelichting op den Heidelbergschen Catechismus - pagina 292

Derde deel

2 minuten leestijd

;

we zouden en

XXXI. HOoyDSTUK VIL

ZOND.

294

zwichten. Maar nu dit niet het geval was, ontbreekt alle recht

alle grond,

om

zonder nader bewijs, op de dienaren der kerk een macht

van Jezus komen kon, en

te dragen, die alleen

over

noch door

aan de

zijn apostelen,

wat geen

nauwkeurig

aangetoond, apostelen

uit

de

histoiie

we nauwkeurig

zoodat

was

toevertrouwd

een afzonderlijk soort

met hen op één

zin zou hebben, indien ze

éénzelfde ambt met hen bedienden. Ook

volging

als

van de leeraars en herders onderscht^iden;

ambtsdragers uitdrukkelijk iets

noch door Jezus

latere dienaren der kerk is

worden de apostelen

of toegekend. Integendeel

die

voor

lijn

stonden, en

kon dus de apostolische op-

al

kerk (des neen) worden

elke

wie in elke kerk door de

wisten,

en wie op dezen aangestelde in het ambt ge-

aangesteld,

volgd was, enz., zoo zou dit nog in het minst niet bewijzen, dat hiermede

ook deze buitengewone macht op de apostelen ware overgegaan. De apostelen bekleeden in Jezus' kerk een geheel eigene en geheel eenige plaats.

Na hen

zijn er

geen apostelen, en het onderscheid tusschen de apostelen

en wie door hen wierden aangesteld, bestond

juist hierin, dat de apostelen

een buitengewone ambtelijke bedeeling van den Heiligen Geest bezaten,

en diensvolgens onfeilbaar konden regelen en spreken, en wonderen doen terwijl alle dienaren der kerk die door

hen

zijn

aangesteld of na hen kwa-

men, deze buitengewone gave en macht misten, derhalve geen wonderen

konden doen, en

in

hun uitspraken ook

men met

waren. En wat

zegt:

„Voorwaar

hemel gebonden zelfde

feilöaar

beroep op Matth. XVilI: 17 en 18 heeft gezegd,

ik zeg u, zijn",

macht ook aan

zoo wat

en

het enkelvoud

niet: „Al

wat

zij

kerk gegeven

zijn

in

het

dat de Heere Jezus deze

blijkt,

heeft,

Immers van

houdt

bij

eenigszins nauw-

de kerk wordt eerst, en wel

derden persoon gesproken; en nu volgt er

den

in

binden zal op aarde,

maar rechtstreeks

op aarde zult binden, zal in den

gij

en dat dus hieruit

keurige uitlegging geen steek.

V

maar

de Heere hier eerst spreekt van de gemeente of de kerk, en daarna

dat

in

niet onfeilbaar,

zal in

meervoud en

apostelen gesproken: „Zoo wat

in

den hemel gebonden wezen"; tioeeden persoon tot

den

de

gijUeden binden zult op aarde, zal in den

hemel gebonden wezen."

Op

dien

wezen.

grond wordt de bewering der Roomsche kerk door ons afge-

Voor zulk een bewering,

als

waarmede

zij

optreedt,

moest door

haar bewys geleverd worden uit de woorden van Jezus of van de apostelen; en dat bewijs blijft

Hiermee echter der

apostelen

is

alle

verleend, voor ons

zij

schuldig.

nog volstrekt profijt

is te

niet gezegd,

dat

daarom na den dood

van de macht door Jezus aan

loor gegaan. Dit kan

niet,

zijn

apostelen

omdat de apostelen

cZe

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892

Abraham Kuyper Collection | 631 Pagina's

E voto Dordraceno : toelichting op den Heidelbergschen Catechismus - pagina 292

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892

Abraham Kuyper Collection | 631 Pagina's