E voto Dordraceno : toelichting op den Heidelbergschen Catechismus - pagina 186
Derde deel
XXXa. hoofdstuk
ZOND.
188
IL
die zij vervloekt." De intentie is dus niet om het brood te aanbidden, maar om hetgeen brood was, en nu de Christus geworden is, te aanbidden met die hulde der aanbidding die aan den Christus, omdat hy God is,
toekomt.
Tot zooverre nu
deze belijdenis eigen zoowel aan het eigenlijk Sa-
is
crament der Communie, crament en Mis
aan de Mis; maar van
als
Communie
uiteen. Bij de
dit
punt
af.
gaan Sa-
toch wordt nu deze in Christus
veranderde ouwel door de geloovigen genoten, en door dezen ouwel of stukske er van in zich op
een
nemen, eigenen ze zich
te
maar den wezenlijken Christus
brood,
toe, die
niet een stuk
alsnu in hen de geestelijke
vrucht van het Sacrament uitwerkt.
Maar hostie
iets heel
anders
gebezigd;
maar
de Mis. Ook in de Mis toch wordt wel diezelfde
is
wordt een geheel ander gebruik van gemaakt.
er
In de Mis toch wordt deze ouwel niet gegeten, en
ken maar
is
het de Christus
Wel wordt dan daarna de
maar dat
zijn.
is
en deze offerande bestaat niet daarin dat de priester den
toch, zoo leert de
er zich toe leent,
/te liggen,
ande der
om
is
Roomsche
Want
wiens hulp
maar toch
wel
is
is
het de Christus
zelf,
die
hostie of offerande op het altaar
Gode
als zoodanig, zich
tot een offer-
het de priester die hierbij dienst verricht, en zon-
Mis niet tot stand zou kunnen komen,
in de
het offer
de eigenlijke bedoeling, dat Christus zelf als altoos levende
is
hoogepriester zichzelven offert; dat dat de
kerk,
vorm van
in dien
en door daar te liggen,
stelt.
afgeloopen en voleind zoodra de zegen-
en dus brood en wijn in den Christus veranderd
uitgesproken,
Dan
en herhaalt.
en niet de eigenlijke Mis. De eigenlijke Mis
ouwel eet of den kelk drinkt, maar spreuk
oZ/erawcZe volbrengt
hostie toch genuttigd en de wijn gedronken,
de Communie,
is
de offerande,
is
zelf, die zijn
deze wijn niet gedron-
priester en offerande tegelijk
als medeofferaar
slechts
priester
hij
is,
met Christus deze offerande
en tot
stand brengt. Gelijk
de
Christus
Gode geofferd
offerande
van
Dit
is
hy nu aanwezig
in
in bloedige
de Goddelijke
met een beroep op Melchizedek; daar immers en zóó, zegt men, is het nu de
eeuw
tot
eeuw
Melchizedek betoont te
De zaak
is
„priester is in eeuwigheid''
Christus die, van ivare
zoo
heeft,
de mis en wordt Gode geofferd op een onbloedige manier.
wordt dan gestaafd
Melchizedek
eenmaal op het altaar des kruises
zich
offerande
zijn eigen offerande
bedienende, zich de
zijn.
dan deze, dat de
priester, als daartoe
door Christus geordend
en gemachtigd, brood en wijn op het altaar brengt en alsnu twee dingen doet: ten eerste brood en wijn door de consecratie lijken Christus;
en ten tweede door brood en wijn,
omzet d.
i.
in
den wezen-
zijn
lichaam en
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892
Abraham Kuyper Collection | 631 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892
Abraham Kuyper Collection | 631 Pagina's