E voto Dordraceno - pagina 127
ZONDAG
VI.
HOOFDSTUK
115
III.
tegenover Evangelische Gezangen. Dat maakt dan vanzelf, dat ieder tastte en voelde hoe oneindig veel heerlijker die gezangen waren. Maar 's Heeren volk werd er toch niet door misleid, en door
dat roepen van
al
zelfs niet van het Oude Testament; maar is alleen naam van „Evangelisch" in miscrediet kwam. Wie
„Evangelische richting", of „Evangelisch" leeraar, of eeniging hoort, weet zonder meer reeds, dat
ontbreken
,,
Evan-
toch nooit van de Schrift laten afbrengen,
heeft dat volk zich
gelisch"
uitgewerkt,
dat de
tegenwoordig ,,
van
Evangelische" ver-
Evangelie
in dit alles juist het
zal.
Een enkele opmerking kan ook
dit
bij
de gaspijp, en niet
bij
den brander, neen
bij
eens voorgoed wegnemen.
geschil
Als het des avonds donker wordt steek
licht
ik
den ballon, en
niet
aan, en dan zie ik niet
bij
en lees alleen bij het
ik zie
ook
het glas, en licht.
Maar
niet
terwijl het
avonddonker mij alleen om dat licht te doen is, weet toch een goed als gij het weet, dat dit licht u alleen van dien brander en uit die gaspijp en door dat glas toestraalt. En zoo nu ook is het hier. Uw ziele leeft niet bij dat papier van uw Bijbel, en niet bij haar letters of kapittelindeelingen, neen, ge leeft alleen bij den glans van het Evangelie. Maar al is het nu ook uitsluitend het Evangelie waarom het u te doen is, toch is het de Heilige Schrift en de Heilige Schrift alleen, waaruit rechtstreeks of afgeleid, de glans van dat Evangelie u toestraalt. Of om op de bron terug te komen. Gewisselijk, waar ge door gedrenkt wordt is niet dat stuk rotssteen, en ook niet de ijzeren hevel dien men er op heeft gezet, noch ook de uitgeholde boom, waarin men het water opvangt, maar alleen en eeniglijk dat water zelf. Nu is dat water dat nu
in het
kind, zoo
uw
lesschen het heilig Evangelie,
dorst zal
dat paarlend water opspringt zegt,
hier
gelijk
Middelaar
dan dat het
niet anders bedoelen,
God
uit
zelf,
Evangelie als
het zegt:
rotssteen,
waaruit
God
in
den Catechismus, dat
hij
zijn
het heilig Evangelie kent, die bedoelt niet anders en kan
uit
de bron, zoo
kind van
dit
maar de
de bron der Heilige Schrift. En wie dus
is
heilig Evangelie, dat als het
de Heilige Schrift, en wilt ge nog dieper,
uit
in
water
uit
die Schrift
opwelt.
„blijde boodschap". Dat weet het volk ook wel, voor mij geen Evangelie!" Dan toch bedoelt het
niet een
is
„Dat
is
volk volstrekt niet: heel andere: ,,Dit
is,
„Dit
is
omdat
voor mij geen blijde tijding", maar wel gij
dit
het zegt, voor mij nog niet zoo zeker en
uitgemaakt, dat ik er voor zou moeten zwichten."
Neen, het ware Evangelie gaat veel dieper. tijding voor een
Evangelie
is
een
blijde
bepaald soort van ongelukkigen, en wel uitsluitend voor
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892
Abraham Kuyper Collection | 512 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892
Abraham Kuyper Collection | 512 Pagina's