E voto Dordraceno : toelichting op den Heidelbergschen Catechismus - pagina 33
Derde deel
ZOND.
XXVII. HOOFDSTUK V.
35
Intusschen leert ons de historie der kerk, dat zóó 'sHeeren doen
We
is.
tien
zien gansche streken in deze wereld,
eeuwen nog nimmer vasten voet kon
waar de kerk
alle
niet
deze acht-
krijgen. "VVe zien andere deelen
van de wereld, waar de kerk van Christus nu achttien eeuwen lang door heeft voortbestaan. En eindelijk zien
we landen
al-
en streken, of waarde
kerk vroeger bloeide en later weer onderging, of wel eertijds niet kon door-
breken en nu
schittert. In
Azië en Afrika zijn geheele streken waar eens
ende kerken bestonden, doch sinds door de Halve Maan vertreden
Amerika vindt ge geheele gewesten waar nog
zijn
bloei-
en in
;
jaar slechts enkele
vijftig
omzwierven met hun afgodendienst en waar nu een geheele
Indianen
Christelijke maatschappij ontloken
verkiezing de kerk,
is.
maar de kerk de
Staat het nu vast, dat niet de
uit-
uitverkiezing volgt, dan blijkt hieruit
dat de uitverkeizing Gods zich niet losweg over alle de inwoners der weverdeelt,
reld
maar een vasten
eenmaal onder een volk of lang onder
dit zelfde
moge ook onder
regel volgt; en wel dezen regel, dat ze,
in een geslacht
blijkt.
dering, die den regel slechts bevestigt.
maar dat
De
regel
blijft
en
is
altoos een uitzon-
het ééne
in bijzonderheden
af te dalen, mag, zoo
men
bijna uitsluitend onder de
zonen van
de
Sem
en
Cham
-j
En zonder
de volken indeelt naar
Noachs zonen, toch gezegd, dat de uitverkiezing
eeuwen
lang
tijd
volk niet en uit het andere volk wel neemt, en met voor-
bijgang van het ééne geslacht zich tot het andere geslacht wendt.
nu
;
dat de uitver-
blijft,
kiezende genade haar voorwerpen achtereenvolgens, een zekeren uit
tijd
Een enkele maal
volken, die dusver buiten het genadew^erk lagen, een en-
uitverkorene worden toegebracht;
kele
neergekomen, een zekeren
volk of in dit zelfde geslacht
in de laatste achttien
nakomelingen van Japhet
viel, terwijl
bijna geheel buiten deze heilige
werking
bleven. Dit
der historie nu wordt ons geheel door wat de Heilige Schrift
feit
omtrent het Verbond openbaart, verklaard. Desaangaande onderwijst ons de Heilige
God met
Schrift namelijk, dat
genadewerk
tot een
man
maar ook tot zijn „Ik zal mijn Verbond oprichten met u en met uwen zade na u," is de vaste formule, waarmee deze grondtrek van het Verbond wordt
zaad.
komend,
gegeven.
zich
niet
slechts
naar
hem
zijn
uitstrekt,
Immers de bedoeling van deze uitdrukking
nadewerk zich
uitstrekt tot al
iemands zaad. Dat
is
niet,
blijkt al
zelfs
aan-
dat Gods ge-
aanstonds
uit
de tegenstelhng van Ismaël, en Izaak, en van Ezau met Jakob. Ook als we van een boom spreken bedoelen we met zijn zaad volstrekt niet al zijn vrucht.
zaadkoren
maar toch
Van een korenveld dienst
is
doen,
en
al
zal misschien slechts een enkel
mud
als
de overige vrucht naar den molen o-aan
het door dit enkele
mud
zaadkoren dat zulk graan zich voort
>
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892
Abraham Kuyper Collection | 631 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892
Abraham Kuyper Collection | 631 Pagina's