Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

E voto Dordraceno : toelichting op den Heidelbergschen Catechismus - pagina 231

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

E voto Dordraceno : toelichting op den Heidelbergschen Catechismus - pagina 231

Derde deel

2 minuten leestijd

ZOND. XXX?). HOOFDSTUK

beschouwing over het

Avondmaal

heilig

233

III.

in de wereld heeft gebracht, is

Wordt een

de valsche prediking van het Evangelie.

tijdlang in de kerk

een half Pelagiaansch Evangelie gepredikt, zoodat de rechtvaardigmaking toch weer op heiligmaking gefundeerd wordt en niet op geloof; en wordt

zoodoende

Verbond der genade weer door het Verbond der werken

het

krachteloos gemaakt,

— dan

moet men

natuurlijk

bij

het

Avondmaal

als

de Pharizeër in den tempel komen, roemende en lovende: „Ik doe dit en dat,

dank u dat

u en ik loof U, en ik

dien

ik

Voor den tollenaar

naar."

ik niet

ben

als die tolle-

dan aan den Disch des Heeren geen

is

plaats.

>

Alleen een brevet van eigen heiligheid verschaft dan den toegang. Maar

wordt daarentegen het waarachtig Evangelie gepredikt, dat zondigd

de heerlijkheid Gods derven, en dat ze

en

hebben,

,.ze

rechtvaardigd worden door het geloof dat in Christus Jezus druipt

de

„Vader,

ik

tuurlijk

gende: niet

waardig

uw

Pharizeër

allen ge-

om

niet ge-

dan na-

is",

en ziet ge den tollenaar toetreden, zeg-

af,

>

gezondigd tegen den hemel en tegen U, en ben

heb

kind genaamd

worden." En ook,

te

hem dan

de Vader van alle ontfermingen

Wil dat dan zeggen, dat een

daarom neemt

juist

aan.

iegelijk die

maar

belijdt:

„Ik heb veel

zonde", en wel wenschte een sterk geloof te hebben, zonder meer aan het

Avondmaal mag toetreden? Geenszins. Daarom voegt de

heilig

mus

er

nog twee dingen

men

die

bij,

mag slaan.

niet over

Catechis-

Vooreerst zegt

de Catechismus, dat er geloof in het medicijn moet wezen, en ten tweede. dat er een oprechte begeerte moet

Geloof aan het medicijn. gelooft

in het

Wie

geopend

wat zou zulk een aan het

zich

hem nog

in

zijn

al zijn

in

zijn

En

zonden mishaagt,

zonden

maar nochtans

hem

Kind der

als

belijdt,

dat er

zegt de

zonde en ongeloof mishaagt,

hierin nu juist ligt het wondere. belijdt

vergeven

zijn,

aankleeft, in en door het bloed

in zijn Jezus.

het wicht van zijn zonde, niet

en dat ook de overblijvende zwakheid met

zij."

dus met zelfaanklacht, maar toch diging.

al

Avondmaal doen? Daarom nu

heilig

en sterven bedekt

alzoo

dank, dat

bij

leven te beteren.

tegen de zonde en de ongerechtigheid,

is

wie zich alzoo

dat

vertrouwen moet,

„nochtans zijn lijden

toch

zijn

van God verordend medicijn, en alzoo niet

in Israël een fontein

Catechismus,

om

zijn,

als

Wie

nochtans met eindeloozen en dat ook het zondige, dat

van Christus bedekt

is.

Hij

komt

een reine- met bittere zelfbeschul-

een verzoende. Niet in zichzelven, maar alleen

helle voor zijn eigen consciëntie,

maar nochtans s

door het geloof, een kind van God.

En hiermee nu hangt saam wijst:

Dat zulk een begeert

zijn

het tweede stuk, waarop de Catechismus leven

te

beteren.

Let op die uitdrukking:

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892

Abraham Kuyper Collection | 631 Pagina's

E voto Dordraceno : toelichting op den Heidelbergschen Catechismus - pagina 231

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892

Abraham Kuyper Collection | 631 Pagina's