E voto Dordraceno : toelichting op den Heidelbergschen Catechismus - pagina 7
Derde deel
ZOND.
XXVII HOOFDSTUK
eeuwigheid de zaligheid niet
in
I.
zien. Uit de belijdenis der
Dordsche Synode,
dat „geloovige ouders niet twijfelen zullen aan de verkiezing en zaligheid
van hun kinderen,
die in
hun kindsheid
men," volgt derhalve dat
uit dit leven
naar het oordeel der Gereformeerde kerken.
God de Heere deze groote menigte der vroegstervende kinderkens, zonder dat wij er iets van ontwaarden, voor hnn sterven in het Lichaam van Christus
heeft
ingelijfd
..^
worden weggeno-
"^
met het zaad der wedergeboorte begenadigd
en
heeft.
Van tweeën één moet
óf ge
w^el
kindeke,
klein
dat
te leggen. Zelfs
schoot.
Anders en
gegevenen,
vormen reeds
Ge moet óf alle deze kinderkens rampzalig spreken, erkennen, dat God de Heere machtig is, om ook in een dus.
er niets
moet ge sluit ge
die
alle
dit
van merkt, de kiem des eeuwigen levens
van de eeuwige zaligheid
deel wedergeborenen
moet
En klimt
zijn,
geven van de meerderheid dergenen in
klaar, helder bewustzijn
ge op tot een
zijn;
en toch deze
van
leeftijd
7 a 8
in deze kinderkens reeds een groot
omdat van de geborene kinderkens ruim
45 percent reeds onder dezen leeftijd
die
y
uit alle levenloos aan-
onder de geboorte bezweken
7 a 8 percent.
dan moet ge toegeven dat ook
jaar,
in
toegeven van de kinderkens in den moeder-
sterft. Feitelijk
moet ge het dus
die zalig worden.
toe-
Want van degenen
opwassen, zien we zeer wel, dat slechts
de kleinere helft afsterft in het geloof aan den Heere. Neemt ge dus met
>-
de Synode van Dordt aan, dat de jongstervende kinderen der geloovigen in den regel zalig
worden, en dat
uit de wederhelft der
volwassenen slechts
het kleinste deel de zaligheid beërft, dan volgt hieruit vanzelf, dat de ge-
roepenen ten eeuwigen leven voor verreweg het grooter deel juist onder deze kleinen moeten schuilen.
Zoo
blijkt
ons
dus:
lo-
dat van de geborenen onder het Verbond de
grootste helft wegsterft eer ze tot volwassen leeftijd
mand deswege te sluiten;
ren deze
en
3^.
dat nochtans ook
zij
verdoemenisse tot zaligheid is,
in
29.
dat nie-
zonde ontvangen en gebo-
te
4*-'.
is,
dat er
om
uit
komen ook voor hen geen andere
werk Gods reeds op
moet hebben plaats gegrepen, zullen
En hiermee nu
zijn;
dan de naam van Christus Jezus, en
in deze kleinen het wederbarende tijd
met ons
deswege der verdoemenisse onderworpen
naam gegeven
komen;
recht heeft die vroegstervenden buiten de eeuwige zaligheid
50
dat derhalve
zeer vroegen leef-
ze ooit het Koninkrijk
gelijk ge vanzelf voelt, de plicht
Gods
zien.
en het recht van >
den kinderdoop onherroepelijk uitgemaakt. Dit zou desnoods
nog
niet zoo zijn, indien ge vooraf
van elk kind, dat
geboren wordt, wiskunstig zeker wist, welk kind oud zal worden, en welk
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892
Abraham Kuyper Collection | 631 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892
Abraham Kuyper Collection | 631 Pagina's