E voto Dordraceno - pagina 298
286
ZONDAG
des Heeren die
schersmacht
HOOFDSTUK
in zijne Souvereiniteit, in zijn
ligt,
beschikken en
XII.
alle
d.
i.
in
zijn
Overhoogheid,
Scheppersrecht
schepsel onder zijn
II.
om
bedwang
in zijn
Heer-
over alle creatuur te
houden.
te
genoemde ambten van
Hieruit vloeit vanzelf voort, dat onder de drie
ambt van Koning de voleinding in zich de glorie van het Koninklijk ambt van Christus moeten dienen. Wilt ge dan ook de drie tot één herleiden, om in één ambt heel de volheid zijner majesteit uit te drukken, dan moet ge Hem als den Profeet; en ook als den Priester eeren, maar u voor Hem nederbuigen als uw Profeet, Priester en Koning, het
draagt, en dat de beide andere in hun uitwerking
Koning, die Koninklijk én in
uw
in
uw
bewustzijn, én in
uw
zedelijk leven, én
persoonlijke daad heerschen wil.
Vandaar dat onze Catechismus dan ook zeer voleindend karakter van de Koninklijke majesteit
dit uitnemend en den Messias uit doet
juist in
komen, door Hem als Profeet den hoogste, als Priester den eenige, maar als Koning den eeuwige, te noemen. En toch, ook al ligt in de Koninklijke majesteit de voleinding en de volheid van het ambt, de splitsing in de drieërlei waardigheid van Profeet, Priester en Koning geschiedt niet zonder groote oorzaak. God de Heere schiep metterdaad drieërlei leven in onzen menschel ijken persoon in. Een ander is het leven van onze kennis, een ander het leven van onzen wil, en weer een ander het leven van de daad; of wilt ge van ons optreden in de wereld. Feitelijk heerscht God de Heere over alles, en in China zoomin als in Indië geschiedt ooit iets tegen zijn verborgen wil. Door heel de schepping geldt het: „Geen ding geschiedt er ooit gewisser, dan 't hoog bevel uit mond". Maar hierin rust de Heere niet. Hij zoekt als onze 's Heeren Vader in de hemelen kinderen, die Hem kennen zullen, en met het heldere bewustzijn der kennisse zijn wil zullen ten uitvoer leggen. Vandaar de noodzakelijkheid dat de Souvereine mogendheid des Heeren ook in hun bewustzijn openbaar zal worden. Ook in hun denken en in hun verstand en in hun verbeelding wil God Almachtig heerschen. En daarom is er een goddelijk onderwijzen v^n deze zijn kinderen noodig, en het is deze goddelijke onderwijzing en verlichting en verrijking van het bewustzijn zijner kinderen, waarop het Profetisch ambt van den Christus doelt. Doch ook dit is niet genoeg. Kennis kan nog opgeblazen maken, en door de zondige neiging en drijving des gemoeds de kennisse tegen God gekeerd worden. Den Duivel faalt het niet aan kennisse, maar wel aan den goeden wil. Ook de wereld van ons wz/sleven moet daarom door God beheerscht. Ook in wat we
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892
Abraham Kuyper Collection | 512 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892
Abraham Kuyper Collection | 512 Pagina's