E voto Dordraceno - pagina 286
ZONDAG
274
XI.
HOOFDSTUK
Rome
een iegelijk evenals
Bij dit alles toch, zal
dat niemand bedoelt het creatuur
in
IV.
ten ernstigste betuigen,
de plaats van
dat integendeel dit alles slechts strekken moet,
om
God
te
schuiven, en
de ware Godsvereering
bevorderen. Maar de uitkomst is juist omgekeerd, en de vrucht bij Rome en bij ons steeds even noodlottig. De ware aanbidders, zegt de Heere Jezus, zullen den Vader aanbidden
te
geest en in waarheid.
in
terugschrikken,
om
En waar
wij
onze nietigheid en zondigheid
in
voor de Aanspraakplaats van een heilig
God
te
na-
deren, daar roemt Paulus met heel de kerke der verkorenen, dat wij de toeleiding tot den Christus,
Troon der genade hebben
door wien de ingang
in
Heere Jezus de hemelen voor onze gebeden openalleen door onzen
staat.
Dat
in
Israël
de gebeden aan meer creatuurlijke inmenging gebonden
verklaring in den dienst der schaduwen, zoolang de verschenen was. Doch al deze ceremoniën hadden dan niet nog Christus ook geen ander doel, dan om de gebeden van Israël met den Naam van Christus te overschaduwen. Sinds hij kwam, vielen deze schaduwen dus weg, en mengt zich de Naam van Christus in onze gebeden niet meer door deze, thans ijdel geworden ceremoniën, maar door de voorspraak van Christus zelven, die in de hemelen leeft. Al wat zich derhalve thans nog creatuurlij ks in onze gebeden mengen wil is vermindering van den ernst en verlaging van den toon van ons gebed, en strekt niet om ons tot den Vader te brengen, maar houdt van
waren, vindt
den Vader
En Zijn
mand
zijn
af.
Naam van Jezus ons het wapen zijn. Naam alleen. Hij deelt dien Naam met nieVandaar dat we er zoo sterk op drongen, dat ge dien Naam zoudt nemen. Niet maar: een Jezus, maar de Jezus, uw
hiertegen nu moet de
Naam anders.
toch absoluut
is
Jezus. Zijn
eenige Jezus. Hij alleen de volkomene en algenoegzame Zaligmaker, de
aanbrenger van
alle heil.
Al wie derhalve oordeelt, dat kort aan zijn
te
Naam
wat de Catechismus wordt verloochend.
zegt,
Toch zij men met zijn Immers Rome beweert
hij
bij
Jezus nog
iets
bij
behoeft, doet
volkomen waar van Jezus Naam de misbruik dat door zulk een
en Wezen, en in dien zin
pleit
tegen
Rome
is
het
ten deze voorzichtig.
geenszins, dat niet door Jezus alleen verhooring
der gebeden ons zou toekomen, maar houdt slechts staande, dat er om die voorbede van Jezus te verkrijgen, invloeden op hem werken moeten.
En
dat het nu, overmits er
vertrouwelingen
des
Heeren
kunnen
zijn,
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892
Abraham Kuyper Collection | 512 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892
Abraham Kuyper Collection | 512 Pagina's