E voto Dordraceno : toelichting op den Heidelbergschen Catechismus - pagina 157
Derde deel
XXIX. HOOFDSTUK
ZOND.
komen
Hiertoe
lichaam, waarvan we
de geloovigen
heeft
Naar hun voorstelling toch gaat het
den dood scheiden, geheel
bij
oude lichaam nooit terug, maar ontwikkelt zich allengs
dit
kiem of
deropstanding des vleesches
nieuw
geheel
vereenigd
ziel
om
blijft,
En vraagt men
hier op aarde in het oude lichaam gegeven
in
den dood met de
den dag der opstanding volheerlijk
nu, op welke wijze de
uit te groeien.
kiem van dat tweede
of
nieuwe
Avondmaal
voor, alsof Christus door het sacramenteele gebruik
ons
het
stellen
Avondmaal
van het
heilig
voor
nieuwe lichaam inplant.
dit
bij
den geloovige inkomt, dan wijzen ze ons op het
lichaam in
en
maar het ontvangen van een tweede,
tweede, geheel nieuwe lichaam nu leeren
dit
kiem reeds
in
den wortel. Zoo zou er dus geen we-
in
zijn,
dat deze kiem van ons nieuwe lichaam
en
wordt,
En
lichaam.
ons
dat
ze,
en ontvangen
te loor,
een geheel nieuw lichaam, dat niets met het oude gemeen
ziel
zelfs niet in de
;
159
ze door" een vervalsching van de belijdenis rakende „de
wederopstanding des vleesches".
om hun
V.
uit zijn eigen verheerlijkt
lichaam ons de kiem
Natuurlijk blijven ze ons elk bewijs voor zoo gedrochtelijke leer schul-
een
dig,
wijzing
of voorstelling, die op elk punt tegen de duidelijke onder-
leer
der Heilige Schrift indruischt. Deze leer toch strijdt der Heilige
voorstelling
delijke
de
en van het lichaam geheel
bestaat
geestelijk
dat
Schrift,
ziel
met de
dui-
na den dood enkel
afgescheiden. Ze strijdt
is
tegen de onderwijzing der Heilige Schrift, dat er in den dag der opstan-
ding
hereeniging
waarvan het
plaats
zal
dood
den
bij
van de
hebben
met
ziel
En
gescheiden wierd.
datzelfde lichaam,
ze strijdt niet minder
tegen de duidelijke openbaring de Heilige Schrift, dat de Christus eens ons
lichaam
vernederd
door
niet
kracht, waardoor
die d.
gelijkvormig zal
i.
moet dan ook
onverdeeld
ook
alle
in.
Ook
menschelijke
de
eigenschappen
in
te deelen,
maar „door
21).
Geheel deze voor
met Gods Woord, geheel en geen element van waar-
zelfs blijft
de goddelijke natuur een
en bezitten beide nog altoos haar
en evenzoo
blijft
ook nu nog
in Jezus'
en lichaam principieel onderscheiden, zoodat het de ziel en de ziel niet in het lichaam gemengt wordt
menschelijke natuur niet
natuur, ;
Hl:
(Phil.
als lijnrecht in strijd
den verheerlijkten Christus
in
onderscheiden
lichaam
zijn verheerlijkt lichaam,
dingen zich zelven kan onderwerpen".
verworpen worden. Er schuilt
andere dan
maar
hij
door zijn goddelijke almachtigheid
stelling
heid
maken aan
een deeltje van dit lichaam mede
ons
ziel
twee eigen zelfstandigheden krachtens goddelijke schepping bestaan. Er kan dus geen mededeeling van Jezus' verheerlijkt lichaam beide
als
aan de geloovigen plaats hebben. Het ééne menschelijk lichaam ander dan
het
andere
menschelijk
lichaam
;
en
er
kan
is
uit het
een ééne
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892
Abraham Kuyper Collection | 631 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892
Abraham Kuyper Collection | 631 Pagina's