E voto Dordraceno : toelichting op den Heidelbergschen Catechismus - pagina 70
Derde deel
ZOND. XXVIII.
HOOFDSTUK
I.
Intussclien, hoe duidelijk de verwijzing naar de geboorte en de voeding
des nieuwen levens ook spreke, toch dient het verband tusschen den hei-
Doop en het
ligen
de
heilig
Avondmaal nog nader
.teeken van het allesbeheerschende onzer ziele
heid
maar dat er op en op volwassen
ons
wij
in ons
God
om
stellen,
gij
is bij
jaren, waarin
uw
u met
uw
eeniglijk
wist, er iets
uw
van
uit
gij
in de
En
zoodat
genade,
zelfs
uw
is
pen.
Zijns
is
zijn,
en
blijft
y^'&s,
om
uw God
niet in iiw
uw
en ook
zijt
ge
uw
En
verkoost
al
dit,
en ge bij
gij
uu
uw God
met een onbekeering komen het
zijt
u tot
waarmee ge in deze bekeering macht, maar het is uw God die met alwil,
uw
bewustzijn andere gedachten
Ook uw bewust-
Hem
wil is creatuurlijk aan
altoos de daad; en
dan voor zooveel ze
er
on-
als een lijdelijk schepsel,
niet wedergeboren te zijn, als
vroeg of laat
het
lijdelijk,
wetenschap en de wilskeuze ging
wil ombuigt en overbuigt naar zijn raad.
zijn creatuur,
zijn
goede
uw
aardsche geboorte
waart ganschelijk
Gij
machtige en onweerstandelijke genade in inbrengt en
gingt
God. Gelijk de pottenbakker het leem
hand van
bewustzijn en
moet ingaan, staan
uw God
aan kondt toebrengen of
zijn goddelijk welgevallen.
boozen zin duizendmaal,
verliesbare
uw
Evenals in
u.
voor
iets
reeds aan u had gedacht
werk, de daad Gods aan u en voor u uitge-
van
u eenmaal wedergeboren heeft, dan
moet.
uw God
willoos, en de handeling, de
en Hij deed met u naar in
dachten, heeft Hij aan ons
eigen verzinning of wilkeuze letterlijk niets
er iets
gij
zoo waart
kneedt,
uw
wilskeuze in kondt mengen.
en
geheel
en
dit geestelijk
gaan, zonder dat
wetend en
Hem
aan
aan God gingt denken of
maanden en
bestel alles,
ook
gekomen, gaan
zijn
alsnu eerst het voorwerp zijner genadige
eer wij
en velerlei dingen gedaan had voor
zoo
van onderscheid
tot jaren
maar lang
waarin
oogenblik,
doen, lagen
het duidelijkste
is
dat ons zielsbestaan en de gesteld-
feit,
bewerkt en ons verrijkt door genade. Achter het eerste
ons
gedacht,
in
werkt een werk van den almachtigen God. Niet eerst
leeftijd, als wij
voor
Onze Doop.
hoofdzaak bepaald worden door onze wilskeuze,
niet in
zorge te worden;
Gods
toegelicht.
dagen van ons leven aan ons toegediend,
eerste
in een
uw
onderwor-
daad kan nooit anders ten
daad van Gods
zijde
gegrond
is,
en uit die daad Gods, als een stengel uit den wortel opspruit. Dit alles
nu
ligt
schoon en volheerlijk afgebeeld
En daarom zegge niemand is
en
de
Kinderdoop
dat de
slechts
kindeke. Xeen, omgekeerd
is
een
in
den
Doop der volwassenen toepassing
lij delijken
liet
Doop
eigenlijke
van dezen Doop op het
de heilige Doop alleen
bij
het kleine kindeke
de eigenlijke Doop, en kan de Doop aan volwassenen nooit anders dan door
accommodatie, in geval van noodzakelijkheid, worden toegediend. Immers heel dit beeld van een lijdelijk creatuur, dat zonder iets te denken of iets
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892
Abraham Kuyper Collection | 631 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892
Abraham Kuyper Collection | 631 Pagina's