E voto Dordraceno - pagina 100
ZONDAG
88
wat
Op
HOOFDSTUK
V.
met geld gemeen
II.
„Gij
zult
goedwilligheid betalen"; „Betaalt den Heere
uwe
niets
heeft.
elkander de schuldige geloften."
wij betalen de varren onzer lippen." Ja dat er zelfs,
„Dan
zullen
omgekeerd van den
Heere zelven gezegd wordt: ,,Want de Heere, de God der vergelding, hun zekerlijk betalen" (Jeremia LI 56).
zal
:
Kan nu dit betalen door u zelven geschieden? Deze vraag, reeds in Vraag 12 ter sprake gekomen, wordt hier nogmaals opgenomen, maar nu met een ander doel. Immers in Vraag 12 wierd het mysterie ontsloten dat er ja genade is, maar een genade niet door eenvoudige kwijtschelding, neen, maar doordien een ander betaalt in plaats van dengene, die betalen moest maar niet kan. Deze borgstelling of rantsoenbetaling of plaatsbekleeding, of hoe ge dit mysterie van zedelijke plaatsverwisseling ook noemen wilt, is de grondslag van heel het heilgeheim.
Ware
hedendaagsche wijsgeeren willen, en kon er op zedelijk terrein geen plaatsvervanging bestaan, dan ware er geen Messias en geen iviiddelaar en geen Redder onzer ziele denkbaar.
Om
het, gelijk
dat groote mysterie der plaatsbekleeding wentelt zich, naardien we,
eenmaal zondaren wierden, dus lossen
is
dit
mysterie
niet.
om
als
een
Zoomin op
spil
te lossen
al
Op
te
eenige oorsprong
in
onze zaligheid.
als
het oorspronkelijk bestek der schepping zich voor ons menschelijk begrip
verklaren laat. Hoogstens kunt ge aantoonen, dat wie dit mysterie loochent, buiten machte schijnselen
op
de vrucht van
om ook
is,
allerlei
andere en er mee saamhangende ver-
zedelijk gebied te verklaren; en voorts duidelijk
maken, dat
mysterie wel verre van aan den zedelijken eisch te kort
dit
doen, veeleer tot de hoogste ontwikkeling des zedelijken levens
te
Maar en
het mysterie zelf,
waarop
een verborgenheid, evengoed en
blijft
wat
leidt.
Vraag 14 moet teruggekomen,
bij
in gelijken zin, als
is
het u eeuwig-
wat liefde, wat licht zij. Gij kunt die drie hun wezen verklaren. En zoo nu ook is het met die verborgenheid der plaatsverwisseling, die den een voor den ander doet betalen. Ze is er, ze kan gesmaakt, er kan uit geleefd worden, maar
lijk
verborgen
genieten,
blijft
maar ze
voor ontleding
is
leven,
nooit in
ze onvatbaar.
Dit neemt echter niet weg, en hieraan moet streng de hand gehouden,
dat
evenals
het
leven
en het
licht,
zedelijk terrein niet naar de grillen
mag
te
zoo ook de plaatsverwisseling op
van eigendunkelijkheid en willekeur is en blijft aan die be-
grabbel geworpen, maar steeds gebonden
palingen en verordeningen, die God, die haar mogelijkheid schiep, voor
haar heeft vastgesteld.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892
Abraham Kuyper Collection | 512 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892
Abraham Kuyper Collection | 512 Pagina's