E voto Dordraceno - pagina 238
ZONDAG
226
X.
HOOFDSTUK
III.
met open ooren, want alsdan spreekt de man wanneer zulk een Scheikundige nu ook nog zekere maar van het vak; mededeelt luisteren wij
wijsgeerige en theologische onderwerpen uitstalt, moet hij ons veroorloven, dat we aan dit zijn gekeuvel al bitter weinig waarde toekennen, en ons voor wat deze onderwerpen aangaat, liever tot andere mannen wenden, die nu van déze vakken weer studie maakten. Dat Jenner en Pasteur onderzoek doen naar de stoffelijke oorzaken van allerlei ziekten, dit is hun recht en met bewondering volgen we hun uiteenzettingen. Maar als we nu aan de geheel andere vragen toekomen, of deze ziekten en plagen ons door God besteld worden als theorieën over allerlei
dan
een oordeel, en of de gedwongen vaccinatie geen afbreuk doet aan zede-
dan hebben Jenner en Pasteur ons niets meer te zeggen, maar is het woord aan den jurist en den theoloog. Voor twee gevaren hebben we ons dus wel te hoeden, We zouden verkeerd doen, zoo we om deze naturalistische kwakzalverij de echte Natuurkunde verachtten, of weigerden te erkennen, dat ook deze wetenschap een gave Gods aan ons menschelijk geslacht is. Omdat de Natuurkunde, door haar ongeoorloofde bemoeizucht zooveel kwaad brouwt en dies onder lijke
rechten,
de geloovigen
in
zoo kwade reuke kwam,
mag
ze als wetenschap, mits
Maar ook van op alles wat ze ons toezendt, om wel te onderzoeken, of ze ook weer verboden waar binnensmokkelde, en weer staan ging aan wat haar niet toekomt. binnen haar perken blijvende, door niemand geminacht. er scherp toegezien
den anderen kant dient
Vraagt men nu wat
deze bestrijding van de Natuurverheerlijking
bij
waarop
dan heeft de Heidelberger dit uitnemend gevat, toen hij ons op dat loof en gras, op spijs en drank, regen en droogte, op jaarseizoen en op allerlei krankheid wees; woorden, waar slechts hij vluchtig over kan heenlezen, die niet begreep, waartoe het hoofdpunt
is,
het aankomt,
deze opsomming hier dient.
De zaak In
natuur
de is
is
namelijk deze.
natuur
om
ons heen grijpen zekere afwisselingen plaats. De dat ons, jaar in jaar uit, bestendig denzelfden
niet een huis,
gevel en op dienzelfden gevel dezelfde lijnen en sieraden vertoont;
maar
ze is als een drama dat leeft en opgevoerd wordt in elkander opvolgende bedrijven. Eerst is het nacht; dan komt de dag. Uit den winter gaat ge in de lente; uit de lente treedt ge in den zomer; ongemerkt schuift ge dan den herfst in; en ten leste keert ge in den winter terug. Eerst is de aarde groen van loof en gras, dan weer grauwt en grijst ze, en ligt eigenlijk voor u in het blanke wit van de sneeuw. Nu telkens
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892
Abraham Kuyper Collection | 512 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892
Abraham Kuyper Collection | 512 Pagina's