E voto Dordraceno : toelichting op den Heidelbergschen Catechismus - pagina 34
Derde deel
36
XXVII. HOOFDSTUK V.
ZOND.
En zoo nu ook beteekent de uitdrukking „Abraham en zijn zaad" in het minst niet alle personen, hoofd voor hoofd die uit Abrahams lenden zijn voortgekomen; maar wel dit, dat er, eeuw-
plant van geslacht op geslacht.
in
eeuw
van
een voortzetting
uit,
zijn geslacht zal zijn;
en dat het ge-
nadewerk Gods deze voortzetting van Abrahams geslacht verzeilen Er zullen er onder Abrahams geslacht altoos zijn, in wie de Heere
genadewerk
de uitverkiezinge Gods in hoofdzaak aan deze voortzetting
van Abrahams geslacht gebonden
Voor de eeuwen,
zijn.
Abraham
verkiezende genade en het geslacht van
Abrahams
In
die
van Abraham
verliepen, belieft het den Heere derhalve, tusschen zijn uit-
Christus
tot
zijn
stand brengt en omgekeerd, tot aan de komst van den
tot
zal
Christus,
zal.
nimmer
geslacht zal
zeker verband
te leggen.
de werking der uitverkiezing ontbre-
ken; en omgekeerd de uitverkiezing zal in hoofdzaak door de bedding van
Abrahams
om allen te behouden.
geslacht gaan. Niet
zaad slechts één tiende, of minder nog
Misschien zal het heilige
Maar
zijn.
dit
neemt het
weg, dat Abrahams geslacht door de uitverkiezing begenadigd
feit niet
is
en dat,
omgekeerd, het zaad der uitverkiezing voortdurend, tot op Christus' komst het zaad van
in
dezen door God geheel
dit
Abraham
schuilt.
vrij machtig
En
het
is
hem
zaad van Abraham, waaraan het
verkiezing te
verbinden,
hierom, en uit hoofde van
om
gestelden regel, dat Hij alsnu last geeft,
beliefd heeft, zijne uit-
met het teeken der Besnijdenis
te teekenen.
Een teeken, waarin volstrekt geen waarborg ligt, dat elk persoon uit Abrahams zaad deswege nu ook zalig zal worden; maar een teeken. dat de kerk des Ouden Verbonds aldus op Abrahams geluele nakomelingschap ^ moet drukken,
om
ze af te zonderen
zaad het zaad der uitverkiezing
van de overige geslachten,
Wie wel en wie
niet school.
in
wier
niet uitver-
koren was, wist God, maar niet de oude kerk. Daarnaar kon en mocht dus
zij
^
niet
zaad
koninklijk
merken dat
en
te
menig
ze
bleek
rekenen.
aan
Deswege had te
zien
heel het
als
dan een onbesneden
zaad Israëls voor een
en als een koninklijk, verkoren zaad te
En wel ontstond
bejegenen.
persoon
zij
bejegende,
uitverkorene
Filistijn;
maar
de
hieruit
ze ontging
teleurstelling
die
later erger
hierdoor
vaar van een wezenlijk uitverkorene beneden zijn waardigheid delen.
uitverkorenen
Alle
stelling,
in Israël hebben,
dank
zij
te
het ge-
behan-
deze goddelijke in-
het koninklijk teeken der Besnijdenis ontvangen
;
en daarom
was
het te doen.
Kort saamgevat
kwam
onder de oude kerk de zaak dus hierop neer.
God de Heere openbaart aan verkiezing gebonden
Abrahams
heeft
zijn kerk, dat Hij
voor eeuwen lang zijn
uit-
aan het geslacht van Abraham. In het zaad
zal het zaad der uitverkiezing blijken in te zijn.
Om deze hooge
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892
Abraham Kuyper Collection | 631 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892
Abraham Kuyper Collection | 631 Pagina's