Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

E voto Dordraceno : toelichting op den Heidelbergschen Catechismus - pagina 235

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

E voto Dordraceno : toelichting op den Heidelbergschen Catechismus - pagina 235

Derde deel

2 minuten leestijd

;

XXXb. HOOFDSTUK

ZOND.

IV.

237

als

lotgenooten te beschoiiwen, en die bijzondere betrekking op elkander

te

eeren

en

meer

voor een

bod

om

erkennen

te

raadselachtigs

nieuw optreden

geheel

nationaal karakter.

mijnentwil. Zoo nu opgevat

En zoo

ligt er niets

woorden. Zoo verstaan, behelzen ze een

in deze

van de kerk

ge-

in haar niet langer

geduid, behelzen ze voor deze nieuwe broeder-

schap een metterdaad nieuw gebod.

En zegge nu niemand, dat mensch

liefheeft als

zóó

men hem maar

is.

Als

moet

man

man

van het Lichaam van Christus

want het leven vrouw

en

die in oneenigheid leven, zeg

die

man

Want immers man en vrouw,

en

zusters,

soms ver verwijderde

in

de

waarmee

liefde,

volen

is.

dan

„Gij

ouders en kinderen, broeders

familieleden, voelen zeer goed, dat er

ze elkander als zoodanig liefhebben, heel iets an-

met onze landgenooten voelen we ons

Zelfs

stadgenooten

alle

de algemeene liefde die ons jegens den naaste be-

in

den vreemdeling, en of

:

vrouw antwoordde: „Ja dat moeten we

of

menschen."

schuilt,

zelf toont dat dit een fictie

en vrouw elkander liefhebben", zou het geen zin hebben

hoegenaamd, zoo

ders

men iemand

op hetzelfde neerkomt, of

of liefheeft als lid

liefheeft;

een

tot

ik

als

dit

tot

solidair tegenover

op zekere hoogte zelfs met onze dorpgenooten

tegenover

hen,

wonen. Uit eiken band of

die buitenaf

betrekking wordt een bijzondere gemeenschap geboren, en deze bijzondere

gemeenschap

stelt eigenaardige eischen, die

En

eigen karakter leenen. die

saam leden

wil men, tot

een

saam geheel

zijn

als

is

gehouden

andere liefde

zoodanig één

ligt.

gezin

Zij ;

verzoend staat tegenover een

het volkomen natuurlijk, dat

toch vormen

en zijn

dan

zijn,

die in de

van Christus. En daar nu het

saam het ééne

der

huis Gods;

om

als

Wie nu

on-

hoofde geroepen,

uit dien

medeleden

heilig

van deze

Avondmaal

van de éénheid onder de leden van deze het,

zij

algemeene

broederschap,

breekt dien huisvrede, en bezondigt zich als zoodanig tegen het

is

een

„de heilige broederschap van Jezus' kerk" of

leden van één heilig huisgezin den huisvrede te eerbiedigen.

brood

liefde

„de Gemeenschap der heiligen" vormen, ook als zoodanig

begrepen

naastenliefde

zoo nu ook

van

zijn

aan de wederzijdsche

alzoo

zijn

heilige

juist de

Lichaam

openbaring

is

Broederschap (want één

wij velen één lichaam), zoo

wordt het derhalve

een zeer ergerlijk vergrijp aan de heiligheden Gods, zoo iemand, met de

van Gods huis

vredebreuk

in

het hart,

Disch de eenheid van het Lichaam

Het al

is

om

of niet

sprake

mee

d.

i.

onverzoend, aan

's

Heeren

wil openbaren.

deze oorzaak, dat de kerken steeds zeer bijzonderlijk op dit

met de broederen verzoend

was van den toegang

tot

zijn,

het

gelet hebbeh, zoo dikwijls er

heilig

Avondmaal. Toch

is

ook

'

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892

Abraham Kuyper Collection | 631 Pagina's

E voto Dordraceno : toelichting op den Heidelbergschen Catechismus - pagina 235

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892

Abraham Kuyper Collection | 631 Pagina's