E voto Dordraceno : toelichting op den Heidelbergschen Catechismus - pagina 447
Derde deel
ZOND. XXXIII. HOOFDSTUK VIII.
meer
vervalt. Dit
zij,
449
wreekt zich dan door geestelijke dorheid
;
dit straft
God door gemis aan geestelyke sappigheid. Zoo komt men weer woestijn
en het
;
is in
van
zijn
wet
vullende bekeering, met
alsnu zijn geestelijk oog voor de
;
ontsluit, en
hem
Gods heiligen
al
en diepte, de hoogte en lengte
zus
in de
deze woestijn, dat God de Heere dan zulk een ver-
doolde weer opzoekt en terecht brengt oneindigheid
van de
zij
alsdan eerst door een aan-
leert verstaan,
Gods
liefde
welke de breedte
die in Christus Je-
is.
Of ook komt het voor, dat een kind van God, karakter zijner
eenzijdig
den
bezwijkt voor
ontwaakt
bekeering in
eerste
vijand,
dien
uw
waard,
zoon genaamd
te
hem om te
U
als de
verlo-
zeggen
„Va-
:
en ben niet meer
worden." Maar ook dan
blijft
deze tweede
Ook
of aanvullende bekeering altoos een ondergeschikt karakter dragen.
deze verloren zoon geen zoon meer
durfde
om
een dienstknechtsplaats, toch was
hij
niet
nu
maar
eerst,
het draf der zwijnen
hij
En
komt
eindelijk
hier
bij
onze
heiluj
al
bad
slechts
hij
woord „vader", en wierd zijn afdeling, toen.
God.
zijn
de derde soort van latere en nadere
bekeering, die slechts in oneigenlijken zin dezen
meestal
en
midden van
een kind van
dan nog
zijn,
zijn eerste
ivas hij zelfs te at,
>
overwonnen waande, en nu opeens
hij
heb gezondigd tegen den hemel en tegen
ik
der,
dit
zonde terugvalt, weer
een toestand van geestelijke ellende, die
in
van
juist ten gevolge
zijn
ren zoon weer doet opstaan, en tot zijn Vader gaan,
al
-,
naam
making wordt genoemd. Dit
ziet
daarom
draagt, en
op de dagelijksche )
bekeering; op onze gestadige roeping,
en
onze leden die op aarde zijn
•mensch
rijker
en
werken met ons opstanding op
voller
geloof,
te
in
om
staan.
zijn
te
om
God
Eigenlijk
heeft
weg en keert zich nu van om op maar daarom is men nog vlak bij zijn rug naar toegekeerd, en kan men,
zijn,
ook
mag
dus geen
en naar
al
staat
men
naar
Hem
stilstand wezen.
uw God
toegekeerd;
te laten opleven.
van Jezus
men
Ge
binnen in
zijn
hierbij
en uit
dus niet met een
men
men
zonde, ook al staat o,
nog zoo verre van
er
zijn
zich
toegekeerd met het aangezicht. Hier staat
dan nu goed, van de zonde af
maar nu moet
ge, in dien
Tente en ingeleid in
zijn
af,
en
goeden stand
al dichter
bly-
naar God
verborgen omgang.
Bij
het
Woords ontdekt uw geloof dan telkens beter en juister het onhet zondige, het vuile van uw innerlijk zielsbestaan en in gelijken
E VOTO DORDR.
;
III.
>
nu met
God af
licht des
reine,
zijn
de zonde af en naar zijn God toe;
vende, voort en verder, al meer van de zonde tot
Een voortdurend
te sterven
bekeering keert
te doen. Bij zijn
zijn
zijn
weer den ouden mensch
dooden, en altoos weer den nieuwen
in het kruis
nieuwe of tweede bekeering
altoos
29
*
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892
Abraham Kuyper Collection | 631 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892
Abraham Kuyper Collection | 631 Pagina's