E voto Dordraceno - pagina 305
ZONDAG
XII.
HOOFDSTUK
293
III.
worden, gebeurd en geschied zijn; en het ander deel van hetgeen nog niet gebeurd is, maar uit dien Raad geboren staat te worden. Zoowel de geschiedenis, die reeds achter ons ligt, als de toekomst, die ons beidt, zijn beide in dien
éénen Raad besloten en vinden
oorsprong. Vat men nu eenmaal dat den naam van profetie draagt, dan
alle
in
Raad haar den Raad Gods
dien éénen
openbaring
uit
vreemds meer in, dat profetie heet zoowel het verhaal van het reeds uit dien Raad geborene als de voorzegging van hetgeen uit dien Raad te komen staat. Deze eenvoudige en klare beteekenis van het woord profetie, die hier niet breeder kan uiteengezet, dunkt ons dan ook boven allen twijfel verligt
er
niets
heven. Is nu Jezus de Profeet, dan ontstaat de vraag: Is Jezus pas profeet geworden, toen hij op aarde in ons vleesch en bloed omwandelde en zelf predikte, dan wel was hij dit reeds vroeger? Waarop onze Catechismus antwoordt: reeds vroeger. Hij verklaart en belijdt toch, dat de Christus ons den verborgen raad en wille Gods geopenbaard heeft; en dat „ons" is de kerk, en de kerke Christi verstaat de Catechismus, als er geweest
zijnde van het Paradijs af.
Dit nu geldt niet alleen van Jezus' Profetische, Priesterlijke en
maar evenzeer van
zijn
Koninklijke waardigheid.
„Ik ben van eeuwigheid af gezalfd", betuigt de Immanuel zelf
in
het
1 staat niet dat hij gezalfd Boek der Spreuken, en ook in Jesaja LXI worden, maar dat hij reeds gezalfd is. Dit komt daar vandaan, dat de vraag of en hoe ik in een ambt sta, niet afhangt van het omhangen van purper of toga of het opzetten van de kroon, maar uitsluitend van den wil en de verordineering van hem die dit ambt te bestellen en te begeven heeft. Wanneer een koning een gouverneur over een landstreek benoemt en bepaalt dat die benoeming ingaat op den dag zelf van het besluit, dan is zulk een persoon gouverneur, ook al moet hij nog dagen reizen om naar de hem aangewezen provincie toe te komen. Spreekt nu God de Heere: „Ik toch heb mijn Koning gezalfd over Sion, den berg mijner :
zal
heiligheid",
ook
dan
al derft hij
de aldus aangewezene, koning van dat oogenblik af, nog de Vleeschwording en al daalde hij nog niet af naar is
de benedenste deelen der aarde. En zegt ge dat
dit bij
zulk een gouver-
dan kan reeds dit niet toegestemd, maar gaat deze bedenking in geen geval door bij den Christus, die aan het perk van afstanden en den slagboom der toestanden niet gebonden was. neur
dan toch
een
puur nominaal bewind
is,
Zelfs laat de Heilige Schrift ons niet in het onzekere over de bijzon-
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892
Abraham Kuyper Collection | 512 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892
Abraham Kuyper Collection | 512 Pagina's