E voto Dordraceno - pagina 86
ZONDAG
74
HOOFDSTUK
IV.
III.
over. Het leven ontstaat uit de saamvoeging, de
van wat saamgevoegd was. Tot in het lichaam zelf gaat zijn
bloed, er zijn
onderscheidene
allerlei
al
niet of
is
Er
Immers ook in het eene lichaam zijn zenuwen en spieren, er is
En zoolang er nu leven is organisch saamgevoegd. Maar zóó komt de dood
een huid, er
deze deelen deze
dit door.
deelen.
dood door de scheiding
een beengestel.
is
loopen van elkaar weg, en het
alle
gaat over tot ont-
lijk
binding; een ontbinding die niet kan rusten, eer alles uiteengenomen en
gescheiden
Houdt
en er ten slotte niets dan het bleeke, vale skelet overblijft.
is,
dit
dus wel vast: Het leven
is
in
de saamvoeging en de dood
ontstaat door de losmaking van dien eens gelegden band.
Zoo noemen
we iemand maatschappelijk dood, als de maatschappij allen band met hem afsnijdt. ,,Die man is voor mij dood", beduidt, dat ik eiken band met hem heb afgebroken. Een ,,dood boek" noemen we een boek dat niet
rapport met het lezend publiek kan komen. Kortom,
bange begrip voor
het in
in
,,dood"
is
ontbinding van die wondere levensbanden, die
alle
ons lichaam, tusschen ons lichaam en onze
de maatschappij door onzen Schepper gelegd
en tusschen ons en
ziel,
zijn.
Maar juist daarom kunnen we hierbij dan ook niet blijven staan, en moet veeleer doorgedrongen tot dien diepsten levensgrond, die niet ons lichaam aan onze ziel, maar onze ziel aan God den Heere zelf bindt. Eerst door dien hoogsten band ontstond het hoogste leven. In zijn ziel bond God de Heere den mensch aan Zich zelven. Eerst door dien band,
God
die zijn ziel aan
bond, stond
en wijsheid. Die band was alle zijn
overige band
God
zijn
in
vereenigd
wezen
zijne
in
God
een band, dien het
zijn
hij
af.
ziel.
beliefd
in zijn
oorspronkelijke gerechtigheid
eigenlijke leven, en Hij
Aan
die
En door
had tusschen
om
de wereld
Zoo
ziel
hij
God zijn
en lichaam
banden van in
en was met
lichaam te
zijn
door
leggen.
aardsche
levende betrekking tot
zich heen, die der engelen ingesloten.
was dus
vol
en lichaam beide stond
ziel
hing
ziel
In dat lichaam lagen door Goddelijk bestel al de
leven.
van dien band hing
hing aan zijn
zijn leven. Eerst
een leven
in
en met zijn God. Daarop
rustend zijn persoonlijk leven door den band van
weer op rustend
zijn
lichamelijk leven
ziel
en lichaam. Daar
door de organische banden van
En door middel van die ziel en dat lichaam een leven met de wereld om hem in de menschelijke en geestelijke maatschappij.
geheel zijn gestel.
Zoolang
dit leven
nu
leeft,
werkt zuiver de band van
ziel
trekt en
werkt dus de band aan
en lichaam; werkt
in
de physische levensband; en werkt naar buiten
harmonie
zijn
band met de wereld.
zijn
God;
dat lichaam ongestoord in
zuivere
ongestoorde
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892
Abraham Kuyper Collection | 512 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892
Abraham Kuyper Collection | 512 Pagina's