E voto Dordraceno : toelichting op den Heidelbergschen Catechismus - pagina 87
Derde deel
ZOND. XXVIII.
HOOFDSTUK
dragslijn ten deze voorkeur gegeven, en de viering
maal algemeen
morgenuur
in het
89
III.
van het
heilig
Avond-
gesteld.
dit nu daargelaten blijft dan toch de grondlrek van den Disch Nieuwen Verbonds de eenvoudige, gansch gewone maaltijd. De maal-
Doch des
door menschen uitgevonden of door eenig mensch
gelijk die niet
ty'd,
gezet
maar, overal waar menschen wonen van zelf geboren
is,
God
ordinantiën die
Een maaltijd staat;
is
maar de
dus niet
en door God zelf in
menschen
de
iets,
dat
de
dat beneden de waardigheid van het heilige
talis is
door God gewild, door God uitgedacht,
nienschelijk geslacht te
zijn
alzoo,
in-
Schepping gegeven had.
zelf in de
maaltijd qua
is uit
weeg gebracht.
Hij schiep
kracht verloren en dus door voedsel kracht
ze
vernieuwen moesten. Hij verordineerde het aldus, dat ze deze krachtsver-
nieuwing ontvangen zouden door het nemen van een
waarin onder
voedsel,
zijn zegen, dat middel tot krachtsvernieuwing geboden was. Hij gaf hun
een
zulk
attnleg,
dat
niet aldoor voedsel
ze
zouden nemen, maar naar
zekere vaste tijdsindeeling den trek, of zoo ge wilt, de behoefte aan voedsel
opkomen. En
weer zouden voelen
Hij eindelijk
was
het, die hierbij
tevens den trek van het gemeenschappelijke deed werken, en alzoo het ge-
meenschappelijke aanliggen
worden. scluült,
En daar nu in dit maar het geheel de
menschelijk leven
van het
mensch aan
en
geestelijke ziel
aanzitten
aan den disch
gekunstelds noch
zuivere, natuurlijke uiting
is
deed geboren
gewrongens
iets
van
bevat het juist daarin de geschiktheid,
hoogere te
zijn.
Avat in ons
om
zinbeeld
Schiep toch God de Heere den
en lichaam, Hij schiep die twee bestanddeelen niet als
maar
elkaar,
eigen
ligt,
of
alles niets
vorm en
als
op elkaar slaande,
bij
vreemd
elkaar hoerende, en elk in
gestalte éénzelfde gronddenkbeeld uitdrukkend. Er lag dus
ook in den maaltijd reeds krachtens de Scheppingsordinantiën een zinnebeeldige
taal
van de geestelijke voeding en de geestelijke gemeenschap;
en als de Middelaar Gods en der menschen ten slotte in den nacht waarin
verraden wierd, het Avondmaal
hij
instelt, geeft hij slechts
woorden aan
een diep Goddelijke gedachte, die reeds vanzelf in het denkbeeld van den maaltijd school.
Men
lette er
dan ook
op,
hoe
zelfs de gelukzaligheid des
hemels ons gedurig in het beeld van een koninklijken disch wordt geteekend, of van een maaltijd, dien God de Heere voor alle volken bereiden zal
om
de
drukken, hun de
be-
op den berg zijner heiligheid; en dat omgekeerd de Christus,
innigste, teederste lofte geeft, dat hij
Maar
al
is
gelegd,
en
al
gemeenschap met de zijnen
komen
zal
uit te
en avondmaal met hen houden.
hiermee de algemeene grondslag van
kunnen we
niet dringend
dit
Sacrament bloot
genoeg de kerke Gods naar
dit
t-
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892
Abraham Kuyper Collection | 631 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892
Abraham Kuyper Collection | 631 Pagina's