Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

E voto Dordraceno : toelichting op den Heidelbergschen Catechismus - pagina 53

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

E voto Dordraceno : toelichting op den Heidelbergschen Catechismus - pagina 53

Derde deel

2 minuten leestijd

ZOND. XXVII. HOOFDSTUK VIII.

55

ivasschen, als hij dit

gedaan heeft voor de

jonge kinderen der geloovigen

volwassenen."

om

poging

Zelfs

onze vaderen hier zoo sterk op, dat ze de

stonden

in Art. 15 te lezen

wordt

lijk niet

te

te niet

:

dat „de erfzonde door den Doop gansche-

gedaan," met opzet tegenstonden, en het „niet gan-

men onnadenkend

schelyk," dat

veranderd had, weer herstelden.

Ook op de Synode van Dordrecht

spraken onze Gereformeerde

in 1619

kerken zich geheel in gelijken geest

Immers

uit.

in Art. 17

van het eerste

Hoofdstuk aan het vraagstuk der jonge kinderkens toekomende, beleed deze Synode, onder instemming van alle binnenlandsche en buitenlandsche

kerken, het navolgende: „Nademaal wij van den wille Gods uit zijn

moeten heilig

ouders

zalige

kinderen,"

God

„die

zij

in

de

kracht

uit

met hunne ouderen begrepen wat dan

mede

der

geloovigen

van het Genadeverbond zijn,

moeten god-

zoo

wordt toegepast op zulke kinderen,

bijzonderlijk

hun kindschheid

de Synode hier niet

kinderen

aan de verkiezing en zaligheid hunner

twijfelen

niet

iets

dat

getuigt,

van nature maar

niet

hetwelk

in

hetwelk

oordeelen,

zijn,

Woord

uit dit leven

wegneemt." Natuurlijk bedoelde

te zeggen, dat dit

een bijzonder privilegie was

van vroeg stervende kinderen, maar wel, dat geloovige ouders alzoo over

hun kinderen

al

blijkt,

te

oordeelen hebben, zoolang het tegendeel niet stellig

en op dien grond ook omtrent de zaligheid hunner vroeg stervende

lievelingen getroost zullen

van Dordrecht oordeelde:

zijn. lo.

En

alzoo blijkt hieruit, dat ook de Synode

dat de kerk

deelen heeft naar wat voor oogen

bij

maar

is,

jonge kinderen niet

uit

den Woorde Gods; 20.dat

Gods Woord ons gebiedt de kinderen der geloovigen aan zoodanigen,

die

heilig

zijn;

en

en alzoo moeten geworden

ture,

30.

zijn

te oor-

dat ze dat niet

te zien als de

kunnen

zijn

van na-

door wedergeboorte en uit kracht van

verkiezing.

En

zoo nu oordeelt ook onze Catechismus. Ten eerste in het antwoord

op Vraag dat

we

wij,

73,

waar

hij

zegt, dat

God ons door den Doop

verzekert, niet

door het bloed van Christus zullen gewasschen worden, maar dat

en dus ook onze kinderen, zoo waarachtiglijk van onze zonden

geestelijk

gewasschen zijn, als wij uitwendig met water gewasschen worden. En ten

waar de kinderen geheel met de volwassenen, wat het genadewerk aanbelangt, gelijk worden gesteld, overmits ook op hen door Gods Woord toepasselijk is gemaakt èn het „bloed anderen in het antwoord op Vraag

Christi,

dat

74,

van zonden verlost" èn

„de

Heilige

Geest, die het geloof

werkt."

Er

blijkt

alzoo,

dat onze drie Formulieren van eenigheid op dit punt

geheel in gelijken geest spreken als ons Doopsformulier. In alle drie wordt

op grond van Gods AVoord beleden, dat de kerk de kinderen der geloovi-

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892

Abraham Kuyper Collection | 631 Pagina's

E voto Dordraceno : toelichting op den Heidelbergschen Catechismus - pagina 53

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892

Abraham Kuyper Collection | 631 Pagina's