E voto Dordraceno - pagina 210
ZONDAG
198
En
was niemand
er
En
nu
dit
te
God om
buiten
aanbidden en
te
teit
HOOFDSTUK
IX.
om
Naam te noemen, om Hem zelven terug
glansen op
zijn
doen komen
zijn
III.
Majes-
zijn te
kaatsen.
het doel der Schepping Gods.
Hij wilde hebben. Hij wilde zijn schijnsel laten uitgaan. Hij wilde kristal voor zich zien (of een glazen zee, gelijk Johannes het aan den Troon zag) uit welks fonkelende lijnen zijn eigen deugden Hem tegenschitteren zouden. is
Naam
een
Zelf de Liefde, wilde Hij die liefde in duizend harten vermenigvuldigen
en alzoo doen terugwerken op zich zelven.
Dat hebben van een Naam, van een schittering zijner Majesteit, van een uitstraling zijner glansen, van een openbaring zijner deugden, van een firmament vol vonken van liefde om zich heen, dat is het wat de Heilige Schrift noemt: de heerlijkheid Gods.
Op
Gods
die heerlijkheid
is
dus
alles
aangelegd. Daarop doelt heel de
Schepping. Eerst daarin zal ze haar einde bereikt hebben. En wie derhalve de Schepping
Wezen
ze eenmaal
Hij
Gods
verband met
in
de Schepping
zich ontplooit.
En
iets
is
bij
staan
dat wordi,
tot
iets
dat zich ontwikkelt,
als Hij tot
die eerst geplante Schepping,
eerst gerechtvaardigd in de voleinding
is
zelfs
zoo
sterk,
eer een beperking voor is.
Denk
dit
wel
in.
iets
dat
En zoo moogt ge dus
scheppen overgaat,
niet blijven
maar moet ge beiden en wachten
de knop ontloken en de bloem voldragen
Dit
ze
de pas gepote stek, maar de straks voltooide bloem
niet
den Heere onzen God,
bij
als
zal.
en vrucht verklaart u het doel van den planter.
ook
zelfgenoegzaam
met mogendheid schiep, maar integendeel, alzoo
eens naar zijn Raad worden In
zijn volzalig en
doorzien en verstaan wil, moet die Schepping niet nemen, gelijk
van
zijn
zij.
God
de Heere wordt
Raad.
dat de Schepping, afgezien van die voleinding,
Gods
dan een verheerlijking voor zijn Naam maakt en laat onbeperkt. Maar zoodra
glorie
Alleen-zijn
opkomt, heeft dit uit den aard zaak op u een beperkende uitwerking. En al wil men nu bij de Schepping er nóg zoozeer den nadruk op leggen, dat toch God de Heere
er naast en bij en tegenover u iets anders
der
zelf
de Almachtige bleef, die deze Schepping van oogenblik
tot
oogenblik
alzoo in zijn hand had, dat niets zich zonder zijn wil kon roeren of bewegen, toch toont reeds de eerste bladzijde der Heilige Schrift ons, dat hiermee
nog genoeg is gezegd. Met de Schepping zelve, en in haar van engelen en menschen, was terstond in die Schepping de mogelijkheid ingeschapen, dat er een macht in zou opkomen die zich tegen God zou stellen. Niet buiten Gods beschikking, we weten het wel. Niet zoo, dat ze ooit kon triomfeeren, het
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892
Abraham Kuyper Collection | 512 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892
Abraham Kuyper Collection | 512 Pagina's