Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

E voto Dordraceno : toelichting op den Heidelbergschen Catechismus - pagina 233

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

E voto Dordraceno : toelichting op den Heidelbergschen Catechismus - pagina 233

Derde deel

2 minuten leestijd

:

XXX&. HOOFDSTUK

ZOND.

even diep zondig voor "God,

den wortel

uit

der

en

wellust

als

235

IV.

brasserij,

van een persoonlijk geschil of een particulier belang, moet

Avondmaal

vijand

felsten

waarheid of een krenken van

den weg, dat veleer omgekeerd

weg naar

des Heeren, u den

het

in

uw

laffelijk

haat, nijd, bitterheid en boosheid, waartoe ge

den door wat

naam, of in

in

men u persoonlijk, of uw tijdelijke belangen

in

uw

uw God

Dan

zoo

toegeven in de zake versperren. Het hier uitsluitend

is

kondt geprikkeld wor-

familie, of in de eer

aandeed.

spel, of

hart rijzen; en

Avondmaal zou kunnen

heiige terrein blijft hier dus buiten bespreking. Sprake

van

uw

zijn goddelijk

gaan ten Avondmaal staat zulk een ijveren voor

weinig in

eer ge ten

ge,

en moet er veeleer een

naam uws Gods

voor de eere en den

ijver

uw

dan

is,

booze bitterheid, ook jegens

bannen. 'Komt de eere Gods in het

hart zijn

alle

dan moogt ge natuurlijk nooit toegeven

heilige

aan

uw

uit

trouw aan

geldt het de recht,

gaan, wel terdege

zult

opspruiten

die

Zoolang er dus van niets sprake

zinlijkheid.

uw

van

voelt ge soms, hoe ge

den persoon, die u zulks aandoet, een vijand hebt, en dat deze vijand

het

er

om

u

op toelegt,

om

u het leven te verbitteren, ja, er lust

wederkeerig tot boosheid

komt

gebod

van

liefhebben, dezen

man

het

uw

en bitterheid te prikkelen.

Heiland tot

die u

dat ge dezen

u,

plicht,

het

is

zoo,

heeft,

hier

nu

uwen vijand zult uwen belager

krenkt zult zegenen en dezen

en tegenstander, die u vloekt, wel zult doen naar zettende

aan

En

uw vermogen. Een

ont-

en die toch voldaan moet, zult ge met een

goede consciëntie het Onze Vader bidden en

uit

een gerust hart betuigen

„Vergeef ons onze schulden, gelijk ook wij vergeven onzen schuldenaren." Dit

geen afzonderlijke bespreking, omdat het vanzelf

punt eischt alzoo

begrepen

is

kan dat

niet;

neigt

in

de

vanzelf toe,

er

Wie

waarachtige bekeering.

maar wie

zich

ook

al

zich niet bekeerd heeft,

met waren harte bekeerd ondervindt

hij

heeft tot zijn

God

schriklijken tegenstand van

het vleesch.

Doch zijn

uitbotting

breking

waar nu sprake komt van „het verzoend

heel iets anders is het,

met den broeder."

Dit toch raakt niet de

van hoogmoed en

van den vrede

nijd,

maar

algemeene zonde

in haar

betreft de vredebreuk, de ver-

Gods

huis, de schending van de gemeenschap met de leden der kerk in een afzonderlijke eigenaardige betrekking. Ge vormt met deze leden saam een soort heili-

der

heiligen.

Ge

in

staat toch

gen bond, een heilige corporatie, een heilige gemeenschap, die juist daarom als

„de

gemeenschap der heiligen" geëerd moet.

Zijt

ook

gij

nu

in dien

bond, in die corporatie, in dat lichaam der kerk, in die gemeenschap der heiligen

opgenomen, dan ontstaan

er natuurlijk over

en weder eigenaardige

verplichtingen voor u en voor deze leden, die niet op het algemeen gebod

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892

Abraham Kuyper Collection | 631 Pagina's

E voto Dordraceno : toelichting op den Heidelbergschen Catechismus - pagina 233

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892

Abraham Kuyper Collection | 631 Pagina's