E voto Dordraceno - pagina 235
ZONDAG
HOOFDSTUK
X.
dak kroop en de pan loswoelde. Uit baldadigheid op een feest zijn geweer af, en de kogel vliegt
De bliksem
ijzer
van de
bijl
bestuurd
in
af en
in
doodt
man hout
zijn
hakt met een
maat, dan heb
huis en doodt u.
Aan
Ik,
bijl
waar-
en het
ijzer
zegt de Heere, dat
Een stoomtrein snelt langs zijn sporen wagens worden stuk gewrongen en veertig leven in, maar gij ontkomt doordien ge plaats
drie
menschen boeten hun naamt in den middelsten wagen, hoewel ge reeds ingestapt.
uw
vliegen.
zijn
en on/spoort en
voort,
mensch
schiet een dartel
valt neer, en juist hebt ge een stuk staal in de hand,
door ge dien aantrekt. Als een vliegt
223
II.
het leven van
in
den voorsten waart vrede van
Duitschlands Keizer hangt de
Europa; en ook op hem schoot men; wat nu is gevalliger dan de vraag of de moordenaar bij het schieten zijn hand een duizendste centimeter te
hoog of te laag Zoo ziet ge dus
pure ongerijmdheid
Er in
zijn
hield? wel, dat al het spreken van zulk een onderscheiding is.
God geen
voor
groote en geen kleine dingen, en ons leven zou
duizend angsten verteren, zoo
we
niet wisten, dat én kleine én groote
Niets staat los en op zich zelf van wat gebeurt. Het is al één keten, waarvan de kleine en de groote schalmen alle ineengeklonken zitten, en waaruit er niet één kan worden
dingen geheel
gemist.
Ons
lot
bestel
zijn
in
zijn.
bestaat niet uit losse stukken,
als één kunstig raderwerk, is
gevat
als het grootste rad.
waarin het kleinste
Neem
er de proeve
maar stiftje
heel ons aanzijn
maar van met uw eigen uur-
werk. Daar zijn ook groote raderen en lange veeren, en spillen en in,
maar
indien ook
maar
het allerkleinste
is
evenzeer onmisbaar
stiftje
of schroefje
stiftjes
losraakt,
uw uurwerk stil. Onder het brandmerk van gansch goddeloos en Godverzakend moet daarom al zulk gevoelen ten eenen male verworpen, alsof er naast het groote terrein waarop Gods wil heerscht, toch nog zeker klein terrein van vrije kansspeling zou overblijven, waarop we de gunst van de Fortuin konden zoeken. Wie dit zegt en meent, heeft in zijn hart zijn God verstaat al
loochend en gebroken met zijn geloof.
Het staat dus
niet tusschen
de keus:
„God
het meeste en de Fortuin
een klein deel; maar wel waarlijk tusschen deze heel andere: „Alles van
God afhankelijk Ook hier kan
aan het geval van de Fortuin." op twee gedachten gehinkt. Ook hier kan men geen twee heeren dienen. Voor eenige kans, of eenig geval, of eenig spel van de Fortuin, is naast de Voorzienigheid onzes Heeren geen plaats. Elk rekenen op geluk of kans is God in uw hart verloochenen, en omgekeerd of alles overgelaten
niet
elke geloofswerking in
uw
ziele drijft alle
hechten aan spel of goed geluk
uit.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892
Abraham Kuyper Collection | 512 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892
Abraham Kuyper Collection | 512 Pagina's