Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

E voto Dordraceno : toelichting op den Heidelbergschen Catechismus - pagina 222

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

E voto Dordraceno : toelichting op den Heidelbergschen Catechismus - pagina 222

Derde deel

2 minuten leestijd

224

Zoo

XXX&. HOOFDSTUK

ZOND.

is

bekeering dan weer geen eisch, zoo ik maar

ge zeggen,

zult

dus,

mishaag

mijzelven

II.

zonde laten wil en geloof in de

in mijne zonden, de

verzoening van mijn zonden. Maar op dat zeggen, zal natuurlijk elk kenner van de

Ge '\

is

want wat wat

precies hetzelfde

Wie

Zondag XXXIII van de waarachtige bekeering

hij in is

gekomen,

God bekeerd. En zoo

is

het ook,

er zoo

waarom dat men

maar toch moet

is,

„Lieve

En

zettende

dat

er een reden zijn,

wekt,

Vooral

?

er

niets

uitsprak.

zult opstaan en

van

men

losgemaakt, wil

is

het zelfs;

maar zoo

gelooft.

toch durft zóó iets

dat

of

velen

bij

vrouwen

versierd zijn, en

dat nog wel hooren, en dan imponeert

den gewonen zin genomen, stuit

in

hij

Van mannen

met genade

rijk

le-

hier een ont-

of jongedochter van

aanmatigend,

Z3o

op jaren, die allengs dieper ingeleid en wier tong

Als er

te doorzien.

Wie

een jongman

in

klinkt dat

men

en

te stellen,

en zusters, ook ik heb mij bekeerd tot den

twintig jaar

weerzin

gemakkelijk

is

midden der gemeente

en hoogmoed

zelflnbeelding

a

in het

dan maakt dat op velen den indruk, alsof

van zichzelven zeggen achttien

reden

die

gij

broeders

venden God!"

tot

moet hebben, maar daarentegen begint met deze

zich bekeerd

toch sprake van

zeggen:

met waren harte

die heeft zich

de Catechismus niet eenvoudig begint met den eisch

ampele omschrijving.

'

de Catechismus hier in de eerste plaats noemt,

aan toe

zegt. zijn

en elk goed Gereformeerde u terstond antwoorden.

Schrift

vergist u,

dit,

en wil

men er

niet aan.

Nu, daar

Toen

is

reden voor.

nog hevig tegen de Christenen woedde; en men

vervolging

de

door Jezus te belijden, zeker was zijn dood op den rooster of in het worstelperk

jonge ik

man

heb

stond

vinden,

te

voorschijn trad en den

te

mij

dan juichte

aan hun beulen

te

zijn

al

ontzag

jongedochter terstond in de

van

moed

bezat

om

te belijden: .,Ook

mijn Heiland met waren harte bekeerd", dan vond een

tot

ieder dat heerlijk, zelfs

de zaak anders. Als er dan een jongedochter of

bekeering met

Gods volk daarin, en dan boezemde dat

in,

eenvoudig wijl zulk een jonge

werd

gelegenheid

zijn bloed te

gesteld,

om

man

bezegelen of met de vuurproef waar

maken. Maar wanneer men soms heele scharen van jongelieden

aankomen, bekeerd

brengen,

hebben;

voor

geestdrift

geen

die allen betuigen

te

vertooning

vrucht

iets,

onder prachtige

den Heere

en dan daarna

Jezus ziet glinsteren,

den

geen

enkele

dat

minsten

van

uw

ijver

bekeering

of

de echtheid

te belijden

bij

geen

voor

en zich dus tot

deze jongelieden geen

enkel

zijn

plukken

waarheidsgevoel

offer voor

dienst

Het

hem

vonkje

hem

ziet

ontwaken en

ziet

kunt; dan

kwetst.

ziet

ligt

heilige

in

deze

bedekt

vormen, maar zóó dat de waarheid struikelt op de

stra-

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892

Abraham Kuyper Collection | 631 Pagina's

E voto Dordraceno : toelichting op den Heidelbergschen Catechismus - pagina 222

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892

Abraham Kuyper Collection | 631 Pagina's