E voto Dordraceno : toelichting op den Heidelbergschen Catechismus - pagina 234
Derde deel
236
maar op uw
der naastenliefde,
Het
rusten.
om
is
van broeders en de
XXXb. HOOFDSTUK
ZOND.
vromen
Dit toch
zusters.
V
:
19
een ziekelijke familiariteit, die
is niet
maar
zeer bepaaldelijk de opzette-
(1
Br. II
V
17 en
:
van de Broeder
19)
:
lijden
aan
uw
Broederschap die in de
voltrokken wordt." En het was, juist met het oog op deze heilige
is,
Broederschap, dat Jezus dat raadselachtig woord tot
„Een nieuw gebod geef ik c{
dat
u,
gij
jongeren sprak:
zijn
XIH
eikanderen liefhebt" (Joh.
woord dat daarom zoo raadselachtig
omdat
klinkt,
bij
geboden. Dat de discipelen elkander
alle
En
nieuw gebod zijn."
verschillig
^
dat
is
Maar het gebod
bejegent.
men
een geheel nieuwe zaak, zoo den,
ook zoo, indien
dat
u,
men leest:
was
het oudste
„Dat ge elkandereu
is
wél nieuw, en regelt wel terdege
het opvat, gelijk het verstaan moet wor-
eikanderen liefhebt."
gij
d.
w.
z.
legt.
„Een nieuw gebod
een nieuw gebod dat er
tusschen u en tusschen allen die zich tot mijnen heiligen
een
Een
moesten hebben, kon geen
den klemtoon op het woord eikanderen
en
geef ik
4).
tegenstelling ware: en dus niet elkander haat of on-
de
alsof
liefhebt",
lief
3
:
het hooren terstond
de bedenking oprijst: „Maar dit was geen nieuw gebod. Dit
van
voert
„Hebt de5roeder.se/iaplief"; eninlPetr.
:
weet dat hetzelfde
„Gij
:
wereld
II: 17 zegt hij
I Petr.
titel
ge als leden van het Lichaam van Christus draagt.
die
Daarom spreekt Petrus dan ook schap. In
van het Lichaam van Christus
zijn
deze reden, dat ge als zoodaning ook den
zich onderling veroorloven,
benaming,
lijke
lid
IV.
naam
bekeeren,
een geheel eigenaardige liefdeband gevlochten worde,
afzon delijke,
en dat ge alzoo één heilige Broederschap in het midden der wereld vor-
men moogt;" zelf
u heb
gelijk ik
voor terd,
terwijl het eigenaardig karakter
wordt aangeduid,
zijn
lief
als
van deze
er bijvoegt: ,,Dat
hij
waarmede
eigenaardige
de
hij
liefde
Daardoor was
hij
ij
in
hij
diep
gevallen zondaars aanzag en weende over
voor
zijn
hart
het
hem
jongeren een geheel andere, een geheel droeg, die voortsproot uit de bijzondere
stonden, als
hun Hoofd en waren zy
hem van den Vader zijn leden
geheel eigenaardige betrekking bracht teweeg, dat wijze liefhad.
mijn jongeren
zijn.
Gij
Als zoodanig
zult
gij
is
als
dit
en deze
een „gemeen-
gemaakt van den nationalen band
de openbaring mijns Lichaams op aarde
Broederschap nu geef ik
gegeven. ;
hen ook op geheel
na den Pinksterdag optreden
zult
zult ge een heilige
broederschap
hij
geworden
zoo nu zegt Jezus, moet het ook tusschen u
En
schap" der heiligen die los
^v
door Jezus
gehad." Met dit laatste toch wijst Jezus er op, dat h
betrekking, waarin ze tot
wege nu
liefde
eikanderen liefhebt,
jongeren niet enkel die algemeene menschenliefde heeft gekoes
Jeruzalem, maar, dat
bijzondere
gij
in Israël.
zijn.
Des-
Broederschap vormen, en voor deze nieuwe
nieuwe gebod, dat de leden van deze
gehouden en verbonden zullen
zijn
heilige
elkander over en weer
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892
Abraham Kuyper Collection | 631 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892
Abraham Kuyper Collection | 631 Pagina's