E voto Dordraceno : toelichting op den Heidelbergschen Catechismus - pagina 89
Derde deel
— XXVIIL HOOFDSTUK
ZÜND.
91
III.
worden, maar het was een sclioone vereeniging van menschelijke personen, een bepaald verband hier optraden, en door het gebed zich allen
in
die
saam
verband
in
Vooral op
zett'
en met den Heere hun God.
kan
dit laatste
niet
man
genoeg nadruk gelegd. Immers die
die daar als hoofd des gezins voorzat, bad en uitdeelde,
was een gewoon
mensch
kindeke bezat de
als
om
macht,
mocht.
dijen
anderen, en
die
hij
zoomin
als dat kleine
scheppen of gezonden trek
spijs te
was dus
Eigenlijk
niet
Gastheer. Niet de vader des gezins,
die
maar
geven dat de
te
spijs ge-
man, maar Ood de Heere de ^
de Vader in de hemelen voedde
en spijsde de jongen en ouden van dagen, die daar aanzaten. En ze
nu den Vader
hemelen
in de
niet,
een alomtegenwoordig God ook
als
toch
bij
was
Vader
die
al
zagen
hemelen
in de
was
dien disch aanwezig; en het
aan die aanwezigheid van den alomtegenwoordigen God, dat vader herinnerde en de medeaanzittenden herinnerd werden, als er door allen saam
gebeden
werd. Dat gebed
om
den
disch
bijkomt,
toch
ook
vromelijk
dus niet maar een stichtelijke vorm, die
is
op
even
men
een oogenblik dat
aan de
denken, maar heel anders het
hem
verklaart en adelt; niet door op-
eens van dien disch een sprong op het leven der
gewone eten en drinken Gode de eere
naam
vader dus eigenlijk in
was
in
zijn
hij
niet
bij
Schepper, die alleen
Hieruit
nu ontsproot
En wie
Zoo trad de
hem voeden
wat
hij
"*
huis-
deed
het diep opvatte verstond het
dien patriarch in zijn huis,
in
maken, maar door
te geven.
des Heeren aan den disch op. Al
zekeren zin plaatsbekleedend.
zeer wel, dat
ziel te
'
nu
ziel te
woord, dat heel den disch beheerscht,
juist in het
zinlijk eten gaat,
bij
maar
bij zijn
God en
kon, aan den disch had aangezeten.
het Oosten een gewoonte, die wij niet
meer
kennen, maar die toch voor de rechte beschouwing van het heilig Avond-
maal haar beteekenis machtig vorst grootsche
heeft.
zijn regeering
gebeurtenis
Zoo dikwijls namelijk
het Oosten een
in
aanving, of een overwinning vierde, of een
herdacht,
was
hij
gewoon
niet
alleen voor zijn
maar ook voor zijn volk een maaltijd te Soms meer dan honderd duizend personen wierden dan op 's kosten niet ergens in een barak of herberg maar in den hof van
ministers en hooge ambtsdragers,
—
bereiden. keizers
het paleis onthaald;
en wie in het begin van Esther de beschrijving naleest
van den grooten maaltijd, dien koning Ahasveros bereidde,
ontbrak.
zal
zien,
Op een
dat
het
waarlijk
soort rustbedden lag
en
die
de
uitgestrektheid
bij
te
Susan voor
men aan
lange tafels aan
rustbedden stonden op parketvloeren van mozaiek
waren prachtige gordijnen gespannen,
waren aan marmeren
pilaren.
En
te
zijn
volk
dezen maaltijd niet aan pracht
midden van
;
;
die tafels
en over heel
die
verbonden
die pracht at en
dronk
"*
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892
Abraham Kuyper Collection | 631 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892
Abraham Kuyper Collection | 631 Pagina's