E voto Dordraceno : toelichting op den Heidelbergschen Catechismus - pagina 504
Derde deel
/
XXXIVÖ. HOOFDSTUK
ZOND.
506
Hy
indien
den,
Zoo
ander.
kan
want
niet,
God
recht, dat
Scheppersrecht
aan
geeft
hij
het meest volstrekte recht, dat zich
is
fundamenteele
en
oorspronkelijke
dit
onze Schepper over ons bezit die
als
dien anderen
lüijziying,
vorm, die noodig was geworden, doordien wij niet meer enkel
maar ook
als
zondaren tegenover
Hem
Adam kon
stonden.
geen diensthuis uitgeleid worden; want Hij zat er niet
uit
liet
zijn Verlossers-
tweede recht het eerste moest aanvullen. Dit toch
zijn
maar
laat;
onze Schepper ware geweest. Het één rust op
niet
dus het Scheppersrecht de Grondslag van
is
recht. Niet alsof dit
denken
I.
als creaturen,
oorspronkelijk
De zondaar
in.
daarentegen wel. Vandaar dus de gewijzigde vorm van het recht, dat God T
Genadeverbond op hem gelden
in het
om
is,
te dieper zijn hart te roeren
doet. Iets
maar ook
;
wat zeer zeker geschikt strekt,
verdoemenis
de verzenen tegen de prikkels slaat, zijn
om, zoo
rechtvaardiger
te
maken.
te
Toch
waarom
men
van Pharao
eerst
let
op
wat
het Wetsopschrift
in
was onder Pharao gekomen.
Israël
staat.
men
als
op,
Israël
onder een andere macht geraakt. Een ander dan God de over Israël geweld
En
heerschappij.
of
was dus
Heere oefende
dat wel in zulk een volstrekten
dat de Pharaönen zich als goden lieten aanbidden. Door de heerschappy
zin,
Pharaönen over
de
die
het oorspron-
Scheppersrecht aldus door het Verlossersrecht gewijzigd wordt.
spoort
Die
nog niet de eigenlijke beweegreden,
is dit
kelijke
*•
toch
hij
in
Israël
het land Gosen uitoefenden,
was
der-
halve het oorspronkelijke Scheppersrecht van God over Israël aangerand
en geschonden. Het
•
door
uittocht
van
opstellen
is die
aanranding en schending, die God door den
Eoode Zee
de
te
niet doet.
zijn Verlossersrecht niets
En
feitelijk
ander dan een
derhalve
is
herstellen
het
van zyn
geschonden Scheppersrecht. Geheel ditzelfde hebt ge slechts van den Pharao van Egypte
< voor u
zei ven, als
sersrecht van
oorspronkelijk
en
op den „Overste der wereld'' over
dat
recht,
het
bloed
niet anders te vinden
Hij
als
uw
van Christus, dan een
souvereine
God
dat
het
Ook
al
in
de
over
ook
van u
het groote gebod, het wortelgebod van
is
hoeksteen
was u
overige
u
om
in het Verlos-
herstelling
boden, en staat als zoodanig zeer terecht bovenaan. Het kon
tweede of derde plaats staan; het moest de
.^
brengen,
zijn
bezat
bezit.
Dit eerste Gebod nu <
door
geredde
uw God
te
die
niets gegeven,
geboden er
den
is,
uit
strengsten
dan
dit
des
plaats
Immers
woords de
ge-
innemen;
om-
Wet samenhoudt.
ééne gebod, dan nog zouden
voortvloeien.
zin
eerste
geheel het gebouw der
alle
niet op de
in dit eerste
alle
de
gebod wordt
plicht opgelegd, dat „gij
den
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892
Abraham Kuyper Collection | 631 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892
Abraham Kuyper Collection | 631 Pagina's