E voto Dordraceno : toelichting op den Heidelbergschen Catechismus - pagina 454
Derde deel
456
XXXIVa. hoofdstuk
ZOND.
I.
mocht noch kon rusten eer men deze beide: dat Christus de Wet voor ons volbracht heeft, en des Heeren voor ons regel voor onzen wandel
Maar
had.
om
slaagde
al
deze klippen
stroom
men
met elkaar vereenigd
en in een gezonden Calvinistischen levens-
toch verloor
men almeer weg
zijdsche verhouding tusschen den
het vaste inzicht in de weder'
der zaligheid en den
weg
dien
we
bewandelen hadden. Xog half door de nawerking van wat
in dit leven te
men
vroeger
bleef
men nog wel
van tred
blijft,
Wet
er bij die worsteling meestal tamelijk wel in,
te ontzeilen,
te blijven,
vooreerst de behjdenis
ten tweede, dat de
had geleerd, en
op een gezond tastgevoel afgaande,
half
op het goede pad, maar toch ging •dlmeev die vastheid
te loor, die alleen
vrucht
dan niet anders, of het gevaar
van helder
is
kwam
allerlei
zoo kon het
men ook
steeds nader, dat
Gereformeerde kringen zich verstrikte in
En
inzicht.
in onze
verkeerde denkbeelden,
dat de traditie almeer uitsleet, dat de zedelijke intuïtie almeer "afstompte,
en dat de
werd voor een
tijd rijp
dier
machtige zedelijke dwalingen,
die zoo
reeds in Jezus' kerk een geheelen afval van het geloof na zich
dikwijls
hebben gesleept.
daarom hoognoodig, dat het derde zoowel wat de Wet des Heeren, als wat het Het
is
lichting niet korter
deel
van den Catechismus,
G-ebed betreft, in onze
Geloof en de Sacramenten; en vooral dient, eer
we aan
de enkele geboden
toekomen, het algemeen standpunt waarop we ons tegenover de
Heeren hebben
Hierbij
niet
uit
enkel
van het zeer concrete zijn
Wet
feit,
dat
God
zelf op
eigen vinger op twee steenen tafelen geschreven heeft.
gen een
deel
van de Wet, en
niet de geheele
Wet; want
al
We zeg-
aanstonds
opgemerkt, dat de Tien geboden nergens in de Heilige Schrift
dient
des
Heeren"
als
zoodanig heeten. De
omvat
grooter omvang, en
Wet
des Heeren
niet enkel de Tien geboden,
is
Niet
enkel
,,de
van veel
maar de geheele
wetgeving die van Godswege door Mozes aan het volk van Israël geven.
den
gegeven, maar zelfs een deel van die
Wet met
Wet
Wet des
te plaatsen, duidelijk in het licht gesteld.
gaan we
berg Horeb
toe-
worde afgedaan, dan de Zondags-afdeelingen over het
is
ge-
de dusgenaamde zedewet, maar ook de ceremonieele
en de politieke wet; en voor wat de zedewet aangaat volstrekt niet enkel de „Tien Woorden," gelijk de Heilige Schrift ze gewoonlijk noemt,
bovendien nog allerlei
zedelij ken aard, die
maar
tusschen
andere wetten staan ingelascht. Dit nu dient daarom te duiderlijker
op den voorgrond
om
bepalingen van louter
allerlei
het
zeer
gesteld,
speciaal
van de Tien geboden
omdat men anders zoo
karakter
licht de fout begaat,
van geheel deze wetgeving, en dus ook
voorbij te zien. Niet
weinigen beelden zich dan ook
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892
Abraham Kuyper Collection | 631 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892
Abraham Kuyper Collection | 631 Pagina's