E voto Dordraceno : toelichting op den Heidelbergschen Catechismus - pagina 286
Derde deel
XXXI. HOOFDSTUK
ZOND.
288 scholen
slot
bereiken, zoo ook
te
van de inwendige kerk
dienst
is
van buiten
ijzeren deur der poorte
is
het in dezen dienst. De uitwendige
die breede, dikke laag hout. die op de
aangebracht
is
ter dat dikke hout, in de eigenlijke deur
Door
moet de
dat uitwendige
al
VI.
maar
;
het slot
ach-
zit
van het Koninkrijk der hemelen.
sleutel dus doordringen,
ter verscholen slot te bereiken, in dat slot
beweging
om
het daarach-
brengen, en alzoo
te
de poorte van het Konininkrijk der hemelen te openen. Hierop kan niet
genoeg nadruk worden gelegd. Zoodra
^ sterk
loor gaat,
gen
tot
om
t(jch
het besef en de wil te
door het middel van den uitwendigen dienst door te drin-
het
Koninkrijk der hemelen,
geestelijke
is alle
arbeid van den
dienaar niets dan gewoon menschenwerk geworden; een soort raad, ver-
maning en
vertroosting, zooals een iegelijk, ook zonder eenige opdracht
of last
van den Heere,
dienst
uws Heeren
opdracht en "^
medèmenschen geven kan. En
in
ik
deur
die
den
in
dan werkt ge onder
uzelven weet en beseft
bij
opdracht mijns Heeren handel, dan komt de terdaad terecht
zijn
Als ik alzoo naar de
:
met-
sleutel, dien ik hanteer,
de poorte van het Koninkrijk der hemelen, en breng
in
om
beweging, hetzij
doen. Misschien ware het "^
zijn
staat ge eerst dan, en eerst
zoo ge
last,
aan
die
daarom
tot het
is
zelfs beter niet te
om
die toe te
zeggen dat een ker-
van het Koninkrijk der hemelen
keiijk instituut een openharing
dat het een toegang
die te openen, hetzij
is,
maar
Koninkrijk der hemelen. Het Lichaam van
^ Christus wordt er in geopenbaard, maar tot het Koninkrijk der hemelen
En overmits nu
ontsluit het een totgang.
kerk
geheel de uitwendige gestalte der
onstaat door dezen ingestelden Dienst des Heeren, geldt natuurlijk
van de kerk
in het zichtbare geheel hetzelfde
wat we vonden van den
Dienst des Woords. Een kerk, die ook als uitwendig instituut, niet beseft
en gelooft, dat ze een poorte
is
voor het Koninkrijk der hemelen
;
aan
uw
Koninkrijk der hemelen als de voering in het kleed, als de huid aan lichaam, op elk punt vastzit
een toegang aanbiedt,
binnen een
of
een
te
komen,
valsche
— of
om
;
en die niet zeggen durft, dat ze metterdaad
uit de
wereld in het Koninkrijk der hemelen
toont reeds daardoor dat ze geen ware kerk,
een
dit
schijn-kerk
is.
Feitelijk
is
dus
ze
menschelyke vereeniging. Een soort genootschap
maar dan
niets
van godsdiensti-
ge n aard.
De klem
blijft
dus schuilen
in
wat Jezus
tot zijn apostelen zei
:
wat gy binden zult op aarde zul in den hemel gebonden zijn. Er moet sef, er moet geloof, er moet vaste onderstelling zijn, dat hetgeen ge kerk doet, geldt voor God, geldt voor den Heere Christus rijk.
Niet
twee lichamen
zijn
het.
in zijn
Het ééne de zichtbare kerk,
Zoo beals
koninkdie
aan
•
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892
Abraham Kuyper Collection | 631 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892
Abraham Kuyper Collection | 631 Pagina's