E voto Dordraceno : toelichting op den Heidelbergschen Catechismus - pagina 88
Derde deel
ZOND. XXVIII. HOOFDSTUK
90
III.
gronddenkbeeld van een avondmaal of maalfijd terugroepen, toch school
nog een nevengedachte
er
loren,
T
w.
t.
Oudtijds
aanricht.
die allerminst uit het oog
in,
gemeenschap
de
lag
in
dagen van ontbinding, die
den maaltijd met hem
bij
Qiaaltijd veel
meer karakter dan
alles
losmaken en
uit
zonder dat er iemand
d'hóte,
men
logementen zelven
's
elkaar kent. zoo, en elk
niet
middags
schappelijken
een doen vallen. Thans
die als gastheer optreedt of
eeuw was
in de vorige
ook maar
en
houder van een logement beschouwde zich
innam, voorging
in het gebed, de aanzittenden
rakter;
wat dan weer terugwerkt op den
iets
huislijken disch, waarbij
dan ook het gebed vaak wegviel, geen huisvader meer gemeenschapoefening van hooger
zit,
en
dat
men nog
alle
pelijken
aan
dit alles
zooverre de maaltijd ontdaan van zijn hooger en edeler ka-
in
is
de
dit zelfs in
elkander voorstelde en de schotels deed rondgaan. Thans heeft uit,
table
den gastheer, die de hoofdplaats aan den gemeen-
als
disch
in onze
gaarkeuken of zitten aan aan een
is,
Nog
ver-
die den maaltijd
den
spijzigen honderden tegelijk in een
zonder dat
mag worden
naast elkander
zit,
schotel op aller bord
en dat de
komt
;
als gastheer voor-
zin ontbreekt.
spijs
maar het
nog
uit
Het eenige
is
een gemeenschap-
edeler menschenleven uit
zich op die wijs niet meer.
Nu
spreekt het intusschen wel vanzelf, dat wie in het
Heeren
diepste grondtrek den
als
neemt
Avondmaal
des
gewonen gemeenschappelijke maaltijd
gezonken en onmenschelijken vorm, maar integendeel het
in zijn
oog uitsluitend
richt
op dien maaltijd in
zijn oorspronkelijke
gestalte, gelijk ze het menschelijk hart alleen toespreekt.
genomen, dan
is
de
En
en nobele
in dien zin
gemeenschappelijke maaltijd een maaltijd, waarbij
maar zoo eenige personen komen aanzitten, maar die uit het gezin en met het gezin organisch geboren is. Eerst zat er de man alleen met niet
zijn
vrouw.
Toen
zijn
allengs de kinderen bijgekomen. Eerst klein,
er
En naar de behoefte van het gezin, kwamen er toen ook dienstboden, die in dezelfde zaal, soms aan dezelfde tafel meê aanzaten. En zoo verschenen er ook gasten of vrienden, die dan voor den duur straks
groot.
van den maaltijd
Maar onder de
man,
alle
die
in
dat
gezin
wierden ingestrengeld en ingevlochten.
deze wi-sselingen door, bleef toch het hoofd des gezins
den disch
gaf,
en
bij
den disch bad, en aan den disch
uit-
dat ze
was een gemeenschap oefenen met dit gezinshoofd. mochten aanzitten, bewees óf, dat ze als uit hem ge-
hem
verbonden, daar hun rechtmatige plaats hadden, óf wel
deelde. Aller aanzitten
En het
feit
boren of met
dat ze als door zijn gastvrijheid toegelaten, op dat oogenblik een teeken
van
zijn
gunste en gemeenschap genoten. Zoo lag er dus in eiken maal-
tijd poëzie.
Er verschenen niet maar eenige monden,
die gevuld
moesten
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892
Abraham Kuyper Collection | 631 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892
Abraham Kuyper Collection | 631 Pagina's