E voto Dordraceno : toelichting op den Heidelbergschen Catechismus - pagina 571
Derde deel
XXXV. HOOFDSTUK
ZOND.
personen
573
IV.
den dienst van het heilige veroorloofd. En komt ge nu op
bij
het Nieuwe Testament, dan zou het zeer zeker voor de hand hebben ge-
om
legen,
van
aanstonds beelden van Johannes den Dooper, van den Christus,
van de reeds
Maria en
.Jacobus in
voeren;
te
van zulk gebruik
hier ontdekt ge
of eenige
gelijkenis
nergens in
in de
dienst
Woord
zijn
dat het zijn wil zou
niet
kerken der eerste Christenen aanwezig
zijn,
eenige de minste aanduiding gegeven heeft,
om
beelden van gestorven heiligen in zijn eere-
mengen. Alle recht en macht,
te
dan dat God de Heere
zijn,
om
zulks te doen ontbreekt ons
En diensvolgens mag er niet anders geoordeeld, of wie zulks toch doet maakt zich schuldig aan de poging om God op eigendunkelijke en eigenwillige manier te dienen, en zondigt alzoo tegen het Tweede derhalve.
Gebod.
Maar ook op de tweede bedenking dient nadruk
gelegd, inzooverre deze
komt tegen
het geestelijk karakter
b eeldendienst
de kerken in verzet
in
van den dienst dien we den Heere onzen God moeten toebrengen. Niet alsof de Roomsche, Grieksche en andere kerken, die desniettegen-
staande den beeldendienst in practijk brengen,
houden
Veeleer
deze
alle
dit opzettelijk zoo drijven.
kerken staande, dat ze niettegenstaande haar
beeldenvereering, een zuiver geestelijken dienst van den Heere onzen
God
bedoelen. .,De beelden onzer heiligen," zoo ongeveer zeggen ze, „doen slechts dienst,
om
ons hun persoon
om
op te wekken;
nieuwen;
en
de beelden wil heiligen,
gegeven,
men
deze
heiligen
de heugenis aan hen
tot
ons
te ver-
geestelijk beeld
van
Van een stom aanbidden van
wier beeltenis alzoo in ons herleeft, wil
zijn
bij
derhalve, dat geen oogenblik sprake zal zijn; ja, zelfs
kerk geestelyk
heilige
personen aan
te verrijken,
danken
;
allerminst, als
zijn
is
kerk heeft
en door de herinnering aan
nieuw betoon van heiligheid op
heeft de kerk dus te
men
rechtstreeks aanbidden. Heel de theorie
zijn,
God de Heere deze vrome,
om
om
hun aanschouwing het
in onze ziel te prenten."
hielden ze op creaturen te deze, dat
representeeren;
te
de herinnering aan hun heilig leven
ons alzoo door
hun heihg optreden de
"ï
wettigt zelfs het vermoeden, dat er van
Niets
was. Onze conclusie kan derhalve geen andere
ons
Stephanus en
van Elisabeth, van Maria, van Stephanus of van wien ook eenig
Jozef,
beeld
maar ook
spoor.
allergeringste
het
als bloedgetuigen gestorven
te
wekken. Hiervoor
ze heeft de voorbeelden van deze personen
waar dan nog bijkomt, dat deze geacht worden door hun gebed een krachtige werking
in levendige gedachtenis te houden. Iets
gestorven heiligen
op den Christus, en door wij dus deze heiligen
Hem
met een
op den Vader,
te
kunnen doen. Vereeren
betamelijke, creatuurlijke vereering (^af^T/a
"•
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892
Abraham Kuyper Collection | 631 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892
Abraham Kuyper Collection | 631 Pagina's