E voto Dordraceno : toelichting op den Heidelbergschen Catechismus - pagina 533
Derde deel
;
ZOND. XXXIVt». HOOFDSTUK V.
vrouw de
of kind ietwat afgodisch liefhebben
consciëntie
liefhebben
Immers wie zóó
niet."
van een „afgodje" van
een deugd dan als een zonde
van,
kind
zijn
dat
maken, voelt
te
al zijn belijde-
er toch
hij
nog niet
voor God precies even schuldig staat als
hij
van Bel of Nergal, van Kamos of Moloch, van Astheróth
aanbidders
de
als
wat onvoorzichtige deugd; en met
aan, hoogstens als een nis
maar het overdrachtelijke raakt
oordeelt, rekent zich dat te sterk
van vrouw of kind nog eer
het allergeringste
;
535
of de Melècheth des hemels. Neen, wie in het hart
van
dit
gebod indrong
'
en het zich poogde te verklaren, hoe alle deze afgodische natiën tot heur onderscheidene afgoderijen gekomen
zijn, die
moet wel
inzien en erkennen,
vorm
dat al deze bizarre afgoderijen, tot in haar zonderlingsten
toe, niets
anders zijn dan het noodzakelijk opwerpsel van wat er gist en woelt ook in zijn eigen hart.
Van hoogere genade
verstoken, aan zichzelf overgelaten^
y
en geslingerd door duizend dooden, zou de beschaafde, fatsoenlijke Amster-
dammer
der
19e eeuw, tot precies dezelfde afgoderijen komen, waartoe
voor eeuwen op onze erve de Batavieren vervallen
zijn.
zaam,
10.
omdat de
historie mij toont
wat
er uit
van mijn hart
dwaas
die
gezonken
wat boos kwaad
Doch
en
3o.
omdat
uit die historie blijkt, niet
hoe
oude Caninefaten waren en hoe vroom ik ben, maar hoe diep- > alle vleesch voor G-od ligt, ja, hoe het alleen zijn genade was,
de onderwijzing van dit Gebod niet staan. Duidelijk
aangetoond,
hoe ook zonder die aloude vormen van eeredienst,
we
in tempels en
niet-Goö.
ook
is
dezelfde richting
om
nu nog
eertijds, of
als
door een bukken
rius,
voor
ons heen door
plaats
het
afgetrokkene, het
eeringen
wel in
voor
de
Natuur,
Nu
dit
is
het
echter
toegeeft; dan toch
Mammon
niet
glijdt
gij,
uit,
er
dat ge,
overheen en,,
afgodische ver;
drukken ze de
en worden ze gedragen door de algemeene sympathie
met Gods Woord
in de hand, critiek te oefenen op dezen
zondigen toestand, het afgodisch merkteeken van deze valsche vereering op
elk
terrein
op
te
sporen
;
en zoodra ge
dit
i^
en Mercu-
genoeg,
ge
uw consciëntie niet. Bestaan eenmaal deze om u heen heerschen ze in de maatschappij
publieke opinie
dwepen met
door een
of
;
dan hebt
god van
en
een zwichten
Staatsvergoding
voor Bachus of Venus.
raakt
als
grijpt,
pagoden waarnemen, dezelfde vereering
Wetenschap en Kunst, of door een knielen voor
in
die
hierbij blijft
is
wat of
te loeren;
ligt
omdat
20.
er alzoo in de verborgen schuilhoeken
ons uit dezen smaad en deze schande ophief.
toch die
is
mijn eigen hart zou zijn
voortgekomen, zoo de genade niet over mij gewaakt had; historie mij ontdekt,
die
daarom
Juist
de kennisse van de schrikkelijke historie dezer afgoderijen zoo leer-
das
merkteeken ontdekt,
te
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892
Abraham Kuyper Collection | 631 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892
Abraham Kuyper Collection | 631 Pagina's