E voto Dordraceno : toelichting op den Heidelbergschen Catechismus - pagina 271
Derde deel
XXXI. HOOFDSTUK
ZOND.
IV,
273
door God werd terugg-eëischt, opdat het eiken band met het rijk der hel
zou
verbreken,
en
weer zou laten
zich
inlijven
in het Koninkrijk der
hemelen.
De benaming „Koninkrijk der hemelen" heeft dus deze bepaalde beteedat het geslacht der menschen moet teruggeleid naar dat zedelijk
kenis,
dat
koninkrijk,
Het
voortbestaan.
na den
ook
ons de bede op de lippen
worde
heiligd
leert
hij
koninkrijk kome, legt
Uw naam
:
ons
Xu bedenke men
bidden
worde
Uw
:
engelen,
ook
zal
het
luister,
als
is.
Gods dan
koninkrijk
Gods heerschappij
heerschappij
En opdat
Uw
ge- ^
naam
die
ivil
dit
geschiede,
en
engelen
eerst blinken
die
boven
heel de Schrift ons daar ook
dat
met ongetemperden
niet alleen in de engelenwereld,
in
zijn
Integendeel, in vollen zin ge-
zijn,
maar ook
en deze heerschappij
zuiver verband zal zijn gesteld
met
zijn
over heel de natuur, zoo op aarde als in het firmament en
hemelen Gods
in
Opdat
koninkrijk kome.
wereld der menschenkinderen volkomen zal
over menschen
rijk
dit
firmament zich uitbreiden. Daarom wyst Het rijk der heerlijkheid komt,
altoos henen.
der heerlijkheid zal God alles in allen
nog. Ontzettende gebeurtenissen zullen nog
zijn.
moeten plaats
Nu
toeft dit
"*
grijpen, eer dit
der heerlijkheid kan intreden.
rijk
de
geheiligd.
overeenstemming met den eisch van
in
nomen
in de.
heeff.
intusschen wel, dat Gods geestelijke heerschappij onder
hoezeer
toch niet al zijn koninkrijk
in de
hemelen steeds
Daarin toch legt Jezus
ons de smeeking in het hart:
hij
koninkrijk,
en
in de
zelf bewijst dit.
den hemel, alzoo ook op aarde.
gelijk in
zijn
van Satan,
val
,Onze Vader"
~-
profetie
Maar komen doet het gewisselijk. Heel der Openbaring van Johannes toekent ons de komst van dat
koninkrijk in zijn majesteit. In
het
spraakgebruik
der
drieërlei te onderscheiden.
schappije
Gods,
creatuur in
die
van Hem,
Heilige
Schrift zin,
Schrift
eerste
is
den
als
er
als
ons
de
hebt ge
dus wel tusschen
sprake van de souvereine heer-
almachtigen Schepper over
den hemel, op aarde en in de
noch wordt en eindeloos
finalen
Heilige
Ten
hel, steeds
alle
wierd uitgeoefend
zal uitgeoefend
heerschappij
worden. Ten tweede toekent de van het Rijk Gods, en dat wel in
eens de laatste vijand zal zijn onderworpen, en de strijd ^
voleind, en het rijk der heerlijkheid, dat èn de stoffelijke èn de geestelijke
van aard en hemel zal omvatten, glorieuselijk zal ingaan na de Wederkomst van den Zoon des menschen op de wolken. Maar ook spreekt de Heilige Schrift ten derde van het Koninkrijk der hemeleii, d. w. z. van
wereld
een Koninkrijk in geestelijken
zin,
dat tot op de bezegeling van het
Nieuwe
Testament, nog niet op aarde, doch alleen in de hemelen onder Gods engelen bestond; maar door het kruis van Golgotha met de daarop gevolgde opE VOTO DORDR. III.
ig
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892
Abraham Kuyper Collection | 631 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1892
Abraham Kuyper Collection | 631 Pagina's